De afgelopen weken, nee, zelfs maanden, was er zowat sprake van een heuse hype omtrent Nico Dijkshoorn. Hij is huisdichter van De Wereld Draait Door en Giel Bielen en columnist van Voetbal International. Verder verschijnen z’n colums ook in onder andere dagblad de Pers, Muziekkrant OOR en op NU.nl. Dijkshoorn levert tekstbijdragen aan programma’s als Dit Was Het Nieuws en Draadstaal en nu doen wij van ROAR een heel klein beetje mee aan deze ‘Dijkshoorn-hype’. Begin mei kwam namelijk het boek Dijkshoorn uit, een verzameling van de beste verhalen in tien jaar Dijkshoorn.
En ‘mag ik dat zo zeggen, ja, dat mag ik zo zeggen’, aldus Dijkshoorn met zijn allerbeste Mart Smeets-imitatie, de onderwerpen in het gebundelde werk zijn uiterst verschillend van elkaar. Mart Smeets komt langs in ‘Mart Smeets over Oerol’, een tragedie tussen Willem van Hanegem en z’n ex-vrouw Truus, publiekslieveling ‘Molletje’ en het briljante ‘Led Zeppelin in Frankrijk’, allemaal komen ze langs.
Wat te denken van de stukken die hij schreef voor GeenStijl, in respectievelijk het Zomerboek, over wat er zoal te doen is in bijvoorbeeld Duitsland, Spanje en Italië als je daar op vakantie bent, en in het Winterboek, waar vooral ‘The making of ‘Last Christmas’’ erbovenuit steekt. Briljante woordvindingen, aanvallen recht op de man (in het stuk ‘Lowlands’ moet Moke er andermaal aan geloven. Terecht overigens), maar bovenal heel veel absurdistische humor.
Het is niet alleen lachen wat de klok slaat, neem bijvoorbeeld het lange, meeslepende ‘Bob houdt het voor gezien’. In dit stuk volgen we Dijkshoorn, incluis ex-vrouw, en het zoontje Bob. Bob werd gescout door AZ en we volgen het hele gezin in hun gevecht tegen het voetbal, maar vooral tegen de heersende cultuur bij AZ. Bob komt nog een keer voorbij, in ‘Sven en Lesley Boerebach’.
Een dikke pil, dat is dit 350 pagina’s tellende bundel wel, maar wel eentje die je maar wil blijven lezen. Regelmatig zul je als lezer het boek even weg willen leggen, om bij te komen van een van de vele lachbuien die je zal overkomen tijdens het lezen. Tijdens het korte, maar krachtige ‘De Pelicaan’ bijvoorbeeld, of ‘Paralympische Spelen’, waarin hij het ‘beesje’ gewoon bij z’n naam noemt. Juist dit meeslepende, oprechte absurdisme is de kwaliteit van Nico Dijkshoorn. Overkill of niet, deze beste man is gewoon een groot schrijver!
Score: 






















Je kunt geen reactie achterlaten.