
(Album – Full Time Hobby) De Candadeese folkband Timber Timbre heeft een heel fijn plaatje gemaakt. Het is inmiddels de vierde, maar dat maakt het niet minder mooi. De klanken van Creep On, Creepin’ On zijn die van een bluesy soort met een spookachtige atmosfeer. De opnames deed de band op verschillende plaatsen, waaronder in een kerk.
Donker en traag opent de plaat met ‘Bad Ritual’. Een nostalgisch tintje overheerst in de muziek van Timber Timbre. Fijne pianopartijen en diepe achtergrondzang maken van het nummer een mooie luisterervaring. De warme stem van zanger Taylor Kirk ontneemt de muziek het kille tintje in nummers als ‘Obelisk’. Op de titeltrack doet de band wat denken aan ons aller Arcade Fire met een speelse melancholie en uptempo geluid. Als zonnestraaltjes komen de eerste klanken naar voren, waarna met sprankelende toetsen een stukje nostalgie wordt neergezet.
Als gasten doen pianist Mathieu Charbonneau en saxofonist Colin Stetson mee. Vooral de invloed van de eerste is overduidelijk te horen in een aantal nummers die gevormd worden door het prettige geluid, wat juist dat spookachtige van Timber Timbre een beetje dempt. De soms dissonante gitaarklanken samen met de eenvoudige ritmes geven de muziek een heel bijzondere atmosfeer, zoals op het uitwaaiende ‘Lonesome Hunter’.
De band doet op ‘Do I Have The Power’ aan als een jaren vijftig band met een pulserende bas, die een beetje als een gepolijste rockabilly sound aanvoelt, en vocalen die mij toch aan een Elvis doen denken. Het diepe, bijna gefluister doet het nummer klinken als een warm bad. De band lijkt sowieso sterk op het verleden te steunen in hun muziek. Dat doen ze dan ook erg mooi, met als hoogtepunt van de plaat het zwoele ‘Too Old To Die Young’, met een dikke country invloed.
Creep On, Creepin’ On is een heel fijn plaatje geworden. Donker en beklemmend maar met een diepe warmte.
[starreview tpl=16 style='plain']





















Je kunt geen reactie achterlaten.