Dour Festival 2011: dag 2

Door Marco Muhring, Jeffrey Zweep en Norbert Bakker 21 juli 2011 Reageren uitgeschakeld

De tweede dag van Dour is heerlijk zonnig en dat is na het wisselvallige weer van de eerste dag een welkome verbetering. Deze wisselvalligheid was er ook qua optredens: zo was Gallows het hoogtepunt, terwijl Cypress Hill vooral zeer triest te noemen was. De verwachtingen voor vandaag zijn hooggespannen, met onder andere Papa Roach, Mogwai, Neurosis en Pulp op het programma. Ondanks dat men in de late uurtjes de laatste energie eruit kon dansen bij Laurent Garnier, was men er vandaag ook weer vroeg bij. [JZ]

Bijvoorbeeld bij Dananananaykroyd, wat al om 14:40 op de planken staat. De jongelingen beginnen goed, springerig vooral. Vocalisten Calum Gunn en John Baillie Jnr zijn zeer energiek en we vinden het maniakale tweetal meerdere malen terug in het publiek. Als er gevraagd wordt of we zin hebben in Mogwai horen we weinig mensen schreeuwen, misschien niet helemaal dezelfde doelgroep? Nieuwe single ‘Muscle Memory’ van het onlangs verschenen There Is Away doet het goed en zo beginnen we de dag niet alleen zonnig maar ook behoorlijk vrolijk. [JZ]

Voor degenen die nog niet helemaal wakker zijn is er de hardcore band 50 Lions. Zanger Oscar McCall heeft een goede stem voor hardcore (het is dan ook niet voor niets de broer van de zanger van Parkway Drive) en betrekt zijn publiek goed met de show, waardoor er ondanks het feit dat we in een grote tent zijn toch nog een soort van hardcore setting te voelen valt. Helaas is het muzikaal soms wel wat inwisselbaar en wordt er iets teveel nadruk gelegd op breakdowns en te weinig op andere muzikale elementen. De niet te horen guest vocals maken het er uiteraard ook niet beter op. De weet het grootste deel van het aanwezige publiek goed te vermaken, maar is helaas iets te makkelijk in zijn muzikale uitvoering. [NB]

Dan door naar de Dance Hall, waar – wellicht enigszins misplaatst – het Franse Jamaïca de gelegenheid krijgt om de bezoekers te overtuigen. De driemans-formatie maakt echter geen ijzersterke indruk. Erg nuchter zien de mannen er niet uit, iets wat op zich niet vreemd is vanwege het feit dat de soundcheck vooral bestond uit blowen. Dan nog blijven de mannen wel heel erg binnen de lijntjes met hun mengelmoes van indie-pop en soft rock. Het geluid staat niet fijn, maar tijdens de eerste drie tracks geven we de band het voordeel van de twijfel. Men boekt geen progressie, de podiumpresentatie is zeer statisch, maar het is vooral allesbehalve spannend. Een extra gitarist had het optreden nog ietwat kunnen redden, maar Jamaïca gaat roemloos ten onder. [JZ]

Op de Last Arena is een grote hoeveelheid mensen verzameld om nostalgische herinneringen op te halen met Papa Roach. De band komt op met een epische introductie en knalt er vervolgens in met ‘Getting Away With Murder’. Het is een goede keuze het publiek direct op te warmen met een bekend nummer en dit is precies wat zanger Jacoby Shaddix vervolgens de hele set door probeert te doen door het publiek constant op te door de nummers door. Het komt alleen wel erg overdreven en Amerikaans over en wanneer je dan tot drie maal toe ‘Dour’ verkeerd uitspreekt begint het toch wel tenenkrommend te worden. Ook de nummers van het laatste album Time For Annihilation gaan er niet bepaald goed in bij het publiek, dat hier compleet stil blijft staan. Pas wanneer de set wordt afgesloten met ‘Dead Cell’ en ‘Last Resort’ gaat het publiek nog even goed uit zijn dak. De band is duidelijk al een tijdje over zijn hoogtepunt heen, maar doet toch nog dapper zijn best. En toegeven, ik had er eigenlijk minder van verwacht. [NB]

De Balzaal staat vandaag in het teken van post-dubstep, garage, house, beats, of hoe je het maar wil noemen. Rond Cup-a-Souptijd is het podium voor Bibio. Hij draaide al een aantal keer in de Benelux met zijn album Ambivalence Avenue, maar nu zijn album Mind Bokeh uit is, vond zijn label WARP het vast eens tijd voor een live-set. En dat is nou juist iets wat niet bij de muziek van Bibio past. Hij maakt luisterliedjes, die geraffineerd in elkaar zitten, en minder geschikt zijn om live te tweaken. Het optreden komt geforceerd over, want de beats en extra synths die hij aan de muziek toevoegt, maken het er nou niet echt zo heel veel beter op. Misschien had hij het beter bij een dj-set kunnen houden. [MM]

Even verderop staan The Qemists geprogrammeerd. Als er een muziekencyclopedie zou bestaan met elke act ter wereld in vijf woorden omschreven, zou er bij The Qemists ongetwijfeld staan “het mindere broertje van Pendulum”. Het Dourpubliek houdt van drum ’n bass, dus de tent staat vol en danst uitzinnig, maar het is het eigenlijk allemaal net niet. De drums klinken mat en de gitaar flinterdun. Maar dat zal het publiek verder een moer zijn. Knallen voor de massa! [MM]

Tegen het einde van de set van Papa Roach mag The Ghost Inside aan helemaal de andere kant van het terrein de hardcore kids vermaken. Net als tijdens Through The Noise Tour 2011 gaan de voetjes direct van de vloer en is de dansvloer constant bevolkt met moshende mensen. Frontman Jonathan Vigil is zo energiek als een malle, maar de show lijkt behoorlijk veilig. Zo deelt de vocalist wel erg weinig sing-a-longs uit en lijkt het alsof de rest van de band nog wat eten moet verteren. Het geluid staat lekker afgesteld en is hard genoeg om voor een bijna constante mosh te zorgen. [JZ]

Iets later heeft This Will Destroy You het in de naastgelegen tent La Petite Maison dans la Prairie zwaar. Aangezien de zon is doorgebroken, kiest een groot gedeelte van het publiek er voor om de muziek vanuit het gras, buiten de tent, te beluisteren. De tent is dan wel voor driekwart gevuld, zeker de helft van die groep staat luid – vooral in het Frans – met elkaar te converseren. Daardoor worden de rustige post-rockmomenten en soundscapes behoorlijk verpest. Een band als deze kun je beter nog eens in een zaaltje bekijken, dan in een rumoerige festivaltent. [MM]

Terug naar de Balzaal dan maar. Daar staat inmiddels Untold de tent vol te draaien. Aan het begin zijn nog maar een schamele vijftig mensen binnen, maar degenen die er zijn kunnen genieten van een goede futuregarage/houseset. Gelukkig loopt de Balzaal tijdens de set van Untold steeds een beetje voller, waardoor uiteindelijk een man of tweehonderd kan genieten van onder andere Addison Groove’s ‘Walk For Me’ en ‘Swims’ van Boddika en Joy O: een nummer dat we dit weekend vele malen zullen horen. Een goed begin van de avond. [MM]

Op het hoofdpodium is het de beurt aan de luide post-rockers van Mogwai. Alhoewel: luid? Vandaag hangen er rond de geluidstafel meerdere A4’s met daarop in koeienletters ‘MAX 102DB’. Iedereen die de band wel eens heeft gezien of de muziek kent, weet dat Mogwai luid geserveerd dient te worden.  Dat is vandaag helaas niet het geval, waardoor het niet af voelt. Nummers van het nieuwe Hardcore Will Never Die, But You Will vinden hun weg naar de festivalweide. Een nummer als ‘Mexican Grand Prix’, met krautrock-invloeden en zelfs zang, laten horen dat de band na al die jaren de experimenteerdrift nog niet is verloren. De climax tijdens ‘I’m Jim Morrison, I’m Dead’ laat vele hoofden ritmisch schudden en voor de fans van het eerste uur is daar ‘Mogwai Fear Satan’. Het volume had iets luider gemogen: verder een prima optreden. [MM]

Waar van Kylesa gezegd kan worden dat de zang live nog wel eens wat vals kan klinken is het vandaag precies goed te doen. De band lijkt af en toe een beetje op een dubbele band met zijn twee zangers en twee drummers  en vooral bij de drums lijkt het niet alsof hier het optimale uit wordt gehaald, want erg veel toegevoegde waarde lijkt de extra drummer niet te hebben. Iets wat overigens niet wegneemt dat de drumpartijen wel erg lekker klinken. Toch is het na het stonergeweld van Kyuss een dag eerder toch moeilijk optimaal te kunnen genieten van Kylesa. [NB]

Een band die Kyuss wel even kan doen vergeten is Neurosis. Vorig jaar zagen we Steve Von Till nog met zijn solo project Harvestman op Dour en wist hij ons aangenaam te verassen. Nu is het misschien geen verassing meer, maar weet hij ook met band wederom te overtuigen. De compleet in duisternis gehulde tent  en de zwart-wit visuals geven de voorzet en de band maakt het geheel vervolgens af met zijn logge en medogeloze sludge. De band heeft al een tijdje geen nieuw materiaal uitgebracht, maar heeft gelukkig genoeg pareltjes om nog op te teren en sluit dan ook af met absoluut hoogtepunt ‘Through Silver In Blood’. Het nummer wordt minutenlang opgebouwd om vervolgens enorm agressief te eindigen met een enorme overdosis aan feedback, Steve Von Till achter zijn grote trommel en andere geluiden uit de pedals. Scott Kelly gaat er zelfs zo in op dat hij zo hoofd bonkt tegen een speaker waar hij een flinke snee op zijn hoofd aan overhoudt. Een grotere klapper om een toch al hele strakke set af te sluiten is er niet te verzinnen. [NB]

Na Neurosis is het snel doorrennen naar Pulp. De band die zijn hoogtepunt beleefde in de  jaren ’80 en ’90 is sinds kort weer bij elkaar is om een aantal grote festivallen af te gaan zoals Primavera, Glastonbury en gelukkig ook Dour. Wanneer de band Jarvis Cocker en co had geheten was het ook terecht geweest, want het is vooral zanger Cocker die de band draagt met zijn karakteristiek Britse stemgeluid en daarnaast geweldige podiumpresentatie. Gebruik makend van het hele podium en vooral zijn karakteristieke dansjes, sprongetjes en uithalen maken het tot een vermakelijk aanzicht. Daarnaast is het met een setlist die vooral bestaat uit nummers van Different Class zoals ‘I Spy’, ‘Disco 2000’ en afsluiter ‘Common People’ ook muzikaal genieten geblazen. Van het grote aantal mensen die aanwezig was zal er ongetwijfeld niemand ontevreden zijn na het optreden van Pulp, want meer valt er niet te verwachten van een show. [NB]

Als de publiekstrekkers hun shows gespeeld hebben en de dance-acts inmiddels al zijn begonnen om de tenten vol te trekken is het tijd voor Duchess Says. Dit Canadese viertal valt door de combinatie van synth-pop en punk-rock op plaat te omschrijven als een soort ‘Rolo Tomassi light’, maar de werkelijkheid is toch anders. Muzikaal gezien is het een pure aanslag op de oren van de bezoekers en zangeres Annie-Claude Deschênes acteert op zeer slechte wijze dat ze bezeten is. Een aantal opgeschoten jongeren weet wat sfeer in de tent te brengen door onder meer een polonaise uit te voeren en door Deschênes meerdere malen in het publiek te gooien. Eigenlijk doen ze wat precies de bedoeling is: het viertaal totaal niet serieus nemen. [JZ]

Pearson Sound maakt de laatste tijd overal waar hij komt veel indruk. Nadat hij zijn niet zo handig gekozen artiestennaam Ramadanman achter zich heeft gelaten, draaide hij in Trouw, tijdens 5 Days Off (twee keer) en op Source de sterren van de hemel. En zo ook vandaag. In tegenstelling tot tijdens Untold is de tent gevuld en constant in beweging. Zeker vooraan gaat het los tijdens zijn eigen ‘Blanked’, Girl Unit’s remix van Breton – ‘RDI’ en ook weer door Boddika en Joy O’s ‘Swims’. Nadat hij zijn set vijf kwartier lang zorgvuldig heeft opgebouwd gunt hij het zichzelf om tijdens het laatste kwartier wat richtinglozer te werk te gaan. Zo schakelt hij terug met Burial’s ‘Near Dark’, om vervolgens met wat stevige hiphop te eindigen. Hij laat zich niet afleiden door de irritante festivalbezoeker die hem meermaals met een groene laserpointer in de ogen schijnt en draait misschien wel een van zijn beste sets van de laatste tijd. Heel erg goed. [MM]

Aan Joy Orbison de ondankbare taak om na deze goede set het stokje over te nemen. Het eerste half uur krijgt hij nog geen grip op de tent, maar het laatste uur heeft hij de euforie, die tijdens Pearson Sound zijn set heerste, weer te pakken. De goede platen blijven maar komen. Zo mixt hij ‘Swims’ – die onderhand al vaker voorbij is gekomen dan het weerbericht – met Julio Bashmore’s ‘Battle For Middle You’ en die weer in de James Blake remix van Lil’ Wayne’s ‘A Milli’.  Het is een groot slagveld en aan het einde van de set is de tent bomvol. [MM]

Na de diverse en knallende set van Joy Orbison is het even wennen als de Franse electro artiest Vitalic achter de draaitafel staat op het hoofdpodium. Het voelt allemaal een beetje als een stapje terug aangezien het een stuk minder hard doorknalt en de variatie een beetje verdwenen is. Daarnaast is de podiumpresentatie van Vitalic ook niet erg interessant, iets wat je wel een verwacht als een act de dag op het hoofdpodium afsluit. Het is dus een beetje wachten op hits als ‘Second Lives’ en ‘My Friend Dario’ die het dan uiteindelijk nog wel de moeite waard maken. [NB]

Feed Me, die daarna draait, gaat een stuk lomper te werk, waardoor na het applaus voor Joy Orbison de tent geleidelijk leegloopt. Een gedeelte van het publiek gaat naar Jack Beats, dat in de Club Circuit Marquee vooral gedateerde fidget van een jaar of twee oud draait. Hun eigen remix van Ac Slater’s ‘Jack Got Jacked’ en ‘Get Down’ komen voorbij. Helaas is het geluid goed tot de geluidstafel. Achterin de tent is het zacht en een brij. Het geluid is beter in orde bij Claude Vonstroke, die in de Dance Hall draait. Hij maakte recentelijk indruk door van de Girl Unit knaller ‘Wut’ een goede remix te maken. Deze draait hij vandaag helaas echter niet. Het eerste half uur van zijn set is het wat platte house die de klok slaat, daarna gaat hij gelukkig de diepte in. Een goede afsluiting van dag twee. [MM]

Je kunt geen reactie achterlaten.