Crossing Border 2011: dag 4

Door Natasja ter Voert en Leonie Poot 22 november 2011 Reageren uitgeschakeld

Na een succesvolle eerste ‘echte’ festivaldag is het alweer tijd voor de afsluitende dag van Crossing Border 2011. Nog één dag worden het Nationaal Toneel, de Koninklijke Schouwburg, en de Duitse Kerk bezet door een muziek- en/of literatuurminnend publiek. Hierbij prijst ROAR zich oprecht gelukkig dat het alleen aanwezig is voor een verslag van het muziekprogramma, want er is veel te veel te zien. Het maken van moeilijke keuzes zal dan ook een terugkerend thema blijken, al begint de avond relatief rustig.

De keuze tussen het energieke bandje Splendid en Spinvis is voor velen snel gemaakt. Alhoewel de zonnige muziek van Splendid absoluut de moeite waard is, is het moeilijk concurreren met Spinvis. Na onder andere het prima optreden in De Wereld Draait Door en de lovende recensies voor laatste album Tot Ziens, Justine Keller, waarop inderdaad prachtige nummers te vinden zijn, is de nieuwsgierigheid gewekt. Op naar het Nationaal Toneel dus, om in grootste zaal Buchanan te gaan luisteren naar Erik de Jong en zijn begeleidingsband.

Spinvis01FF Crossing Border 2011: dag 4

Spinvis

Openend met ‘De Grote Zon’ en het, voor Spinvis-begrippen, bijna uitzinnige ‘Heel Goed Nieuws’ is de toon meteen gezet. Dit gaat een karakteristiek terughoudend, maar gedreven optreden worden. Kort maar krachtig, zullen we maar zeggen, want het geplande uur wordt niet helemaal benut. Toch is er voldoende tijd om een aanzienlijke hoeveelheid nieuw werk te spelen, waardoor het publiek geprikkeld wordt nog eens te overwegen of de albumpresentatie (dinsdag 22 november in Tivoli, helaas al uitverkocht) en één van de clubshows niet bezocht moeten worden. Nummers als ‘Oostende’ en het beklemmende ‘Club Insomnia’ zijn prima ankerpunten, terwijl Ronnie een rode draad vormt. Hij gaat eerst naar huis (‘Ronnie Gaat Naar Huis’ van Spinvis uit 2002) en knipt vervolgens zijn haar (‘Ronnie Knipt Zijn Haar’ van Tot Ziens, Justine Keller). De goede vriend die hij naar eigen zeggen ‘eigenlijk helemaal niet zo erg mag’ komt nog even langs in ‘Koning Alcohol’, voordat afsluiter ‘Kom Terug’ een onbetwist hoogtepunt blijkt, zowel muzikaal als tekstueel. Als antwoord op kernzin ‘reis ver, drink wijn, denk na, lach hard, duik diep, kom terug’ kan het publiek alleen maar denken ‘Tot Ziens, Erik Spinvis’. (NtV)

Tijdens deze show is Splendid, zoals gezegd, het alternatief. De heren en dames (we tellen elf muzikanten op het kleine podium, een prestatie op zich), brachten afgelopen jaar album Connect Back to the Stars uit. Een terechte doorbraak lijkt eindelijk ophanden. De band staat aan het begin van de bijbehorende clubtour en waar dan beter te beginnen dan in de eigen voortuin? De vrolijke mengelmoes van ska en reggae zal voor sommigen in ieder geval een welkome afwisseling zijn met de vele singer-songwriters en akoestische gitaren die het festival vandaag te bieden heeft. Alhoewel Spinvis geduchte concurrentie blijkt, loopt de zaal gaandeweg het optreden vol, worden tafels en stoelen aan de kant geschoven en gaat het (tent)dak er alsnog af. De singles ‘Mr Clown’, ‘Again’ en het geweldige ‘Rise Up’ zorgen voor een zomers sfeertje op deze najaarsdag. Aan het einde van de show kun je vrolijk de avond in opzoek naar melancholische liedjes gezongen door mannen met baarden. (LP)

Bij het na Spinvis verlaten van de Buchanan is de sessie op het 3VOOR12 podium nog bezig. Geluk bij een ongeluk dus, dat Spinvis zijn uur niet vulde. In het café van het toneelgebouw is namelijk een heleboel muzikaal geweld losgebarsten. Een blik op het programma leert dat dit Wye Oak moet zijn, het indie rock-folk-dream pop duo dat even later in de bovenzaal nog een, naar verluid, prachtig optreden weg zal geven. Een blik op het podium verraadt echter dat dit niet klopt. We blijken de noisy freakfolk van Islet te horen. Al meteen staat zo goed als vast dat dit de meest verrassende ervaring van deze festivaldag is. Heel veel percussie, bandleden die rondspringen en ietwat bezeten uit hun ogen kijken, een spichtig mannetje met minimaal snorretje dat met eenzelfde blik ineens opduikt in het publiek… Dit kwartet is energiek, hectisch, en eigenlijk best wel spannend. (NtV)

William Fitzsimmons01 Crossing Border 2011: dag 4

William Fitzsimmons

Toch maar snel door naar de Duitse Kerk, waar man-met-baard William Fitzsimmons het publiek in deze magistrale setting aan het betoveren is met zijn droevige, droevige muziek. Aanvoelend dat zijn optreden wel eens wat al te zwaar wil worden zo vroeg op de avond doet hij zijn best op gezette tijden wat gepaste humor toe te voegen. Lachend om het enthousiasme van een aanwezige fan merkt hij op dat zijn vader vandaag aanwezig is. Het publiek applaudisseert, want snapt de grap niet, en William vervolgt: “You guys are clapping for my dad?! I’m just kidding… he’s not really here”. Voordat ‘Beautiful Girl’ van laatste album Gold in the Shadow (2011) wordt ingezet, volgt de aankondiging dat dit iets luchtiger is. “But hey, it’s me, so it’s about something sad as well”. De eenzame fan juicht. “Thanks again dad”, zegt Fitzsimmons. Het publiek lacht, want snapt de grap nu wel. Toch kan dit niet voorkomen dat er een exodus volgt, over de lawaaierige planken vloer en door de piepende kerkdeur. Het blijkt allemaal iets te veel van het goede. (NtV)

Intussen is Jonathan Wilson in prachtige theaterzaal The Royal ook bezig aan zijn optreden. Laatste album Gentle Spirit beloofde al veel goeds in de cd-speler, maar live weet de Amerikaan nog meer diepgang in zijn nummers te leggen. Zijn muziek is rauw en klinkt bij tijden als een combinatie tussen Crosby, Stills & Nash en Pink Floyd (ten tijde van David Gilmour). De gitaarpartijen op nummers als ‘Desert Raven’ en ‘Valley Of The Silver Moon’ transporteren je naar verlaten valleien of snellend in een oude mustang over lege Amerikaanse snelwegen. Jonathan Wilson is een absoluut hoogtepunt op dit festival. (LP)

IMG 8401kopie D Crossing Border 2011: dag 4

Jonathan Wilson

Om op tijd te zijn voor de solo-sessie van James Vincent McMorrow moet het publiek zich haasten op de korte weg terug naar het Nationaal Toneel. Hier leert het inleidende praatje de aanwezigen dat de ingetogen, gevoelige muziek die de Ierse singer-songwriter nu maakt een tijdje geleden nog niet te voorspellen was geweest. Vroeger hield de beste man namelijk meer van snoeiharde hardcore  en hiphop. En of we de duinpan waar hij afgelopen zomer tijdens Into the Great Wide Open een sessie verzorgde er maar even bij willen denken voor een perfecte, intieme setting. Geen probleem, want wat hij onder het genot van een plastic bekertje rode wijn ten gehore brengt is werkelijk prachtig. Wel moet hij nog even werken aan bondige songtitels, want alhoewel ‘We Don’t Eat’ nog alleszins schappelijk is, zijn titels als ‘Hear the Noise that Moves So Soft and Low’ en ‘Follow You Down to the Red Oak Tree’ al bijna een songtekst op zich. Het publiek klaagt niet en zal later op de avond graag nog eens komen kijken, wanneer hij in de kerk speelt die hij zelf ‘lovely’ vindt. “I’ve got a lot to live up to”, zegt hij, “because I hear great things about the concerts that go on there”. (NtV)

James Vincent McMorrow01 Crossing Border 2011: dag 4

James Vincent McMorrow

Keuzes, keuzes, keuzes. Door de keuze om James Vincent helemaal uit te luisteren staat al een flinke rij voor bovenzaaltje Waterloo, waar Wye Oak met hun set bezig zijn. Het Amerikaanse duo bestaat uit Jenn Wasner op gitaar en vocalen en Andy Stack die drumt, maar tegelijk ook keyboard speelt en de achtergrondvocalen verzorgt. Het volle geluid dat dit tweetal weet te creëren doet je bijna denken dat er een voltallige band op het podium staat. En hoewel Wye Oak weinig spraakzaam is vandaag en de tour kilometers duidelijk zichtbaar zijn, staat dit optreden muzikaal gezien als een huis. De geweldige titel track van het laatste album Civilian alleen al maakt de moeite van het langskomen meer dan waard en doet de haren op je armen overeind staan. (LP)

IMG 8437kopie Crossing Border 2011: dag 4

Wye Oak

Niet verbazend dus, dat niet iedereen naar binnen kan bij deze band. Op weg terug naar beneden wordt de wild uit haar ogen kijkende drumster/bassiste van Islet aangetroffen, die onzeker oogcontact maakt, iets mompelt over “awesome festival” en schichtig haar weg vervolgt. Dan begint The Low Anthem alweer bijna in de grote zaal van de schouwburg. Snel daarheen dus om een goed plaatsje te bemachtigen. Amy Lavere, toch ook een interessante dame, het hyperenergieke Islet en belofte Marcus Foster vallen hierdoor helaas buiten de boot. (NtV)

Bij het erg Amerikaanse The Low Anthem, banjo gratis meegeleverd, weet het publiek wat het kan verwachten. Alhoewel niet al hun werk even spannend is, is dit optreden als geheel dat zeker wel. Daarnaast betreft het ook nog eens een set die zowel nummers van What the Crow Brings (2007), Oh My God, Charlie Darwin (2009) als Smart Flesh (2011) omvat.

The Low Anthem01 Crossing Border 2011: dag 4

The Low Anthem

Prachtige opener ‘Ghost Woman Blues’ wordt uiterst ingetogen gebracht rond een, in eerste instantie verkeerd om, centraal opgestelde microfoon. Hierbij wordt meteen duidelijk dat Ben Knox Miller het voortouw neemt en de klarinet van Jocie Adams een prachtige toevoeging is aan het toch al niet onaanzienlijke arsenaal instrumenten van het viertal. Later zal het ensemble nog terugkeren naar deze centrale positie om meer ingetogen nummers te brengen. Tussendoor worden ook bijvoorbeeld het meer uptempo ‘Yellowed by the Sea’ en ‘Hey, All You Hippies!’ gespeeld. Het inmiddels bekende kunstje met de mobiele telefoons mag nogmaals, succesvol, op herhaling. Door dit alles wordt de aandacht uitstekend vastgehouden.

Waarom de bandleden er dan toch zo ongeïnteresseerd en soms bijna versufd bij staan blijft een raadsel, totdat Miller meldt dat ze al veel te lang onafgebroken aan het touren zijn, “and [they're] all getting a little crazy”. Daarom is het tijd om terug naar Rhode Island te gaan voor een korte pauze. Daarna is het weer tijd voor een nieuw album. Voorlopig zien we ze dus helaas niet terug. Gelukkig kunnen we nog wel even teren op het prima optreden van vanavond, waarin ook prachtige uitvoeringen van ‘To Ohio’ en het afsluitende ‘Charlie Darwin’ absolute hoogtepunten blijken. Een verdiende staande ovatie volgt. (NtV)

The Low Anthem03 Crossing Border 2011: dag 4

The Low Anthem

Het uitstapje naar NewVillager dat tussendoor nog even gemaakt wordt is dan ook snel vergeten. Trots staat er aangekondigd dat het hier om een kunstenaarscollectief gaat dat zich naast het maken van ‘energieke pop en grimy electro’ ook bezig houdt met onder andere installatiekunst. Vandaag is er van dat laatste niets terug te zien en blijft de act maar moeizaam overeind in festivaltent Cuatro. Sterker nog, deze loopt angstvallig leeg naarmate het optreden vordert. Verdrinkend in een zee van effecten kan alle inzet van de wereld deze act niet redden en wordt ‘The Lighthouse’, in opgenomen vorm toch zo’n fijn nummer, niet afgewacht. (NtV)

Voor het kleine Paradise-zaaltje, hoog bovenin de schouwburg, is het vervolgens wachten geblazen. Hier staat de Schotse folkband Admiral Fallow hun tweede show buiten Groot-Brittannië ooit weg te geven. Als we niet beter wisten, zouden we echter denken hier met een door de wol geverfde band te maken te hebben. Een nog steeds enorm enthousiaste en zichtbaar genietende door de wol geverfde band dan wel, wat een zeldzame combinatie is, maar toch. De formatie rond Louis Abbott, die geheel in stijl ook een aanzienlijke baard heeft, weet sterk te overtuigen. Hoe vaak krijgt zo’n vrij onbekend bandje het overgrote deel van het publiek aan het meezingen? Niet vaak dus, maar Admiral Fallow wel. Jammer dat de sublieme samenzang met Sarah Hayes niet overal even goed uit de verf komt, want dit tilt bijvoorbeeld ‘Squealing Pigs’ op debuutalbum Boots Met My Face definitief naar een hoger niveau. Toch is het publiek muisstil, ook tijdens het onversterkt gebachte ‘Four Bulbs’. Als wordt aangekondigd dat het nieuwe album volgend jaar uit gaat komen en de band daar zelf enorm blij mee is, zijn er ook in het publiek vrolijke gezichten te zien. Het voorgenomen uitstapje naar het eerder op een editie van het Utrechtse Klub Radar nog als vrij goed bevonden Pinkunoizu, wordt dan ook spontaan vergeten. (NtV)

Admiral Fallow01 Crossing Border 2011: dag 4

Admiral Fallow

De laatste keuze van de avond blijkt ook meteen de moeilijkste. Wordt het jeugdsentiment bij Cake, theatrale virtuositeit bij Patrick Wolf, of toch nog maar een keer James Vincent McMorrow, maar dan nu in de mooie setting van de kerk? De festival organisatie heeft dus duidelijk lering getrokken uit het The National debakel van vorige editie. Daar waar men zich toen massaal naar de Buchanan begaf om deze Amerikaanse indie band te zien, heeft de organisatie ditmaal meerdere aantrekkelijke artiesten naast elkaar geprogrammeerd. De extravagante Patrick Wolf gooide afgelopen jaar hogen ogen met het album Lupercalia, met daarop het enorm aanstekelijke ‘The City’. Dit laatste nummer is niet helemaal tekenend voor de Brit, want het grootste gedeelte van zijn oeuvre bestaat uit prachtige liedjes die tegen het depressieve aanhangen. Vanavond een combinatie van dit alles wat voor een zeer geslaagde afsluiter zorgt voor diegenen die voor hem kiezen. (LP en NtV)

IMG 8512kopie Crossing Border 2011: dag 4

Patrick Wolf

Op weg naar James Vincent McMorrow wordt door degenen die deze alternatieve keuze maken in het voorbijgaan een glimp opgevangen van een volgepakt café in het toneelgebouw, waar ‘self made man’ Ed Sheeran enorm energiek onder andere zijn radio-hitje ‘The A Team’ staat te vertolken. De gang naar de kerk blijkt echter geen vergissing, want hier slaat James zich moedig door een optreden dat vocaal toch enorm lastig moet zijn. Dit keer ondersteund door een begeleidingsband blijkt de Ierse meester van de ingetogen pracht ook nog best aardig uit te kunnen halen. Getuige hiervan is een nummer als ‘From the Woods’, waar McMorrow ook even dat andere aspect van zijn muzikale kwaliteiten laat zien.

James Vincent McMorrow02 Crossing Border 2011: dag 4

James Vincent McMorrow

Het regelmatige gebruik van zijn falsetto maakt dat vergelijkingen met Bon Iver voor de hand liggen. Waar deze laatste zijn geluid echter steeds verder uitbouwt en de intieme, bijna claustrofobische gevoeligheid van zijn debuut verloren lijkt te zijn, is McMorrow nog op en top de ingetogen, gevoelige jongeman. Prachtige vertolkingen van ‘Breaking Hearts’, ‘We Don’t Eat’, ‘If I Had a Boat’ en ‘And If My Heart Should Somehow Stop’ lijken dit nog eens te willen onderstrepen.

James zegt verbaasd te zijn dat er zoveel mensen zijn, omdat hij zichzelf steeds mentaal voorbereidt op slechts een handjevol publiek als hij ergens speelt. Toch komen wij in Nederland vaak massaal voor hem opdraven. Terecht, want alhoewel zijn muziek niet voor iedereen is weggelegd, getuige ook het gegniffel achterin, is zowel zijn debuut Early in the Morning als zijn optreden vanavond onmisbaar voor liefhebbers. Zo eindigt ook het reguliere programma van deze laatste festivaldag uitermate bevredigend en kunnen we terugkijken op een prachtige editie. Tot volgend jaar! (NtV)

James Vincent McMorrow03 Crossing Border 2011: dag 4
James Vincent McMorrow

Je kunt geen reactie achterlaten.