
(Lumière) Je eerste liefde is speciaal en blijft speciaal, althans dat wordt vaak gezegd. Ook hangt er een weemoedig tintje aan. Het schijnt dat die liefde namelijk nooit helemaal ophoudt. Maar weinig regisseurs durven daarom het onderwerp aan. Mia Hansen-Løve (Le père de mes enfants) wel. Met Un Amour de Jeunesse deed ze een dappere poging om een eerste liefde te bezingen.
Un Amour de Jeunesse gaat over de liefde tussen Camille (Lola Créton) en Sullivan (Sebastian Urzendowsky). Zij is vijftien, hij is negentien. Hij is haar alles, zij net niet zijn alles. Sullivan is bang voor afhankelijkheid en besluit voor tien maanden naar Zuid-Amerika te gaan. Hij wil zijn grenzen verleggen en avonturen beleven. In het begin stuurt hij de ene na de andere brief en telkens prikt Camille een speld op een kaart om de plek waarvan deze verstuurd is aan te geven. Langzaam komen er echter steeds minder en verliest Camille zichzelf in liefdesverdriet. Vier jaar later zien we Camille terug, met korte haren en op eigen benen. Ze studeert architectuur en leert stukje bij beetje de wereld anders te zien. Ze begint zelfs een nieuwe relatie, met haar Noorse leraar in architectuur (Magne Håvard Brekke). Dan ontmoet ze Sullivan echter opnieuw.
Hansen-Løve zet in op esthetiek. Ze filmt Camille en Sullivan dicht op de huid, maakt gebruik van mooie locaties, zoals een buitenhuis in de Ardèche, en laat de beelden vertellen. Er worden weinig woorden verspild, wat goed is omdat de dialoog tussen Camille en Sullivan af en toe wat houterig is. Dit komt waarschijnlijk grotendeels door het verhaal. Dat wringt. Camille ziet de liefde zo zwaar, terwijl ze nog maar vijftien is, dat je menigmaal denkt: ‘Meisje toch, maak je niet zo druk’. Hansen-Løve raakt zeker de kern van de ‘ware’ eerste liefde, maar als totaalbeeld is het aardig aanstellerig. Die liefde is bijna nooit voor altijd, dat weet menig kijker, dus houd op met zeuren. Wanneer de jonge Camille dan bovendien loopt te verkondigen dat ze niet zo volwassen moeten doen en geen tijd hebben voor serieuze dingen, omdat ze jong zijn, wringt de film helemaal.
Ook het acteerwerk is niet helemaal top. Hoewel Créton met haar lieve gezichtje zeker sympathie opwerkt, overtuigt ze niet helemaal. Dit ligt deels aan het tijdbestek. De film speelt in 1999, 2003 en 2007. Camille en Sullivan doorlopen acht jaar, Créton en Urzendowsky echter niet. Een meisje van vijftien is heel anders dan een meisje van 23. Ontwikkeling zien we echter niet. Beide blijven steken op één niveau. Mooie beelden dus, maar een goed verhaal? Nee.
Vanaf 16 februari in de bioscoop.
























Je kunt geen reactie achterlaten.