Erased Tapes 5th Anniversary Tour @ Paradiso, Amsterdam

Door Natasja ter Voert 18 oktober 2012 Reageren uitgeschakeld

Erased Tapes, het label van onder andere Peter Broderick, Nils Frahm, en A Winged Victory for the Sullen, bestaat vijf jaar. Het bijbehorende feestje wordt gevierd met een tour die een aantal van haar artiesten langs steden als Berlijn, Leuven, Londen en Istanbul voert. Vanavond doet dit reizende neoklassieke circus Paradiso aan. Daar blijkt het befaamde praatpubliek ineens ook muisstil te kunnen zijn.

Het is aan A Winged Victory for the Sullen om de spits af te bijten. Het collectief ‘favoriete straatmuzikanten’ rond Dustin O’Halloran en Adam Wiltzie zagen wij vorig jaar al op de derde dag van Le Guess Who?, waar zij een strijkensemble meenamen om hun sombere, dromerige, neoklassieke ambient kracht bij te zetten. Vanavond ligt de nadruk wederom op de snaarinstrumenten: de piano, viool, cello, en harp dragen afwisselend de minimale melodielijn. Ook de spaarzaam door O’Halloran ter hand genomen gitaar klinkt droog, puur, als het snaarinstrument dat het is. In deze kleinere bezetting bewijst het collectief echter ook dat nog minder ook mooi kan zijn. Hier is geen plek voor het ego: A Winged Victory for the Sullen is een eenheid. De elektronische drones blijven goed gedoseerd, en de geprojecteerde beelden van onder andere de maan en verschillende prachtig oplichtende kwallen zijn effectief in het versterken van de opgeroepen sfeer. Het eindproduct van dit alles is een zwaar optreden dat kan voelen als een molensteen om de nek van de niets vermoedende toehoorder. Net als vorig jaar is het uiteindelijk de aanzwellende melodielijn die het optreden echt openbreekt en tevens de opmaat voor het coda vormt. Hierin wordt deze klassieke versie van het ‘big rock ending’ teruggebracht naar het minimale, voordat het publiek losgelaten wordt. Het is dan duidelijk tijd voor een korte pauze.

Die korte onderbreking krijgt Paradiso ook, maar lang is die niet. Ólafur Arnalds staat namelijk te popelen om zijn steentje bij te dragen aan deze mooie avond. Het eerste solo album van deze jongeman dateert al uit 2007, waarna hij onder andere componeerde voor een heus ballet en zijn muziek zag opduiken in films en series. Zijn meest recente tastbare wapenfeit is een EP, Stare, die hij eerder dit jaar samen met Nils Frahm uitbracht. Een derde eigen album is ook onderweg. In Paradiso stond hij overigens ook al eerder, maar de grote zaal had hij nog niet vanaf het podium mogen bekijken. ‘Het was een droom’, zegt hij, ‘en het is hier prima, maar nu ga ik mikken op het Muziekgebouw!’. Een jongen met ambitie dus, en dat siert hem. Zijn composities bouwt hij bijna ongemerkt op door zijn pianopartijen, melodieën van de strijkers, en zelfs de opgenomen zang van het publiek van delay en reverb te voorzien en vervolgens te loopen. Toch lijkt het in eerste instantie allemaal wat lieflijk. Zelfs wat hij diep in de nacht op vreselijk hobbelige Poolse wegen heeft gecomponeerd blijkt namelijk nogal romantisch. Net wanneer hij de Mozart, het allemansvriendje onder deze begaafde neoclassicisten lijkt te zijn, klinkt er in ‘Endalaus II’ een triphopbeat door de zaal. Het maakt zijn optreden, maar de veel te lange solo die zijn violist daarna weggeeft doet daar weer afbreuk aan. Ólafur laat daarom potentie zien in een bij vlagen uitstekend optreden, maar weet de boog nog niet altijd gespannen te houden.

Iemand die er wel degelijk in slaag om die spanningsboog intact te houden is Nils Frahm. Op het oog weer helemaal hersteld van de gebroken duim die hem kortgeleden tijdens Stad als Podium nog plaagde, buigt hij zich vanavond als vanouds vol overgave over zijn klavieren. Hij moest als laatste, vertelt hij, want zijn stijl van spelen zorgt er voor dat de instrumenten na zijn optreden altijd gestemd of gerepareerd moeten worden. Alsof hij dat wil demonstreren speelt hij zijn eerste nummer niet met zijn vingers, maar met twee xylofoonstokken. Op de piano, inderdaad. Wanneer hij daarna de gehamerde akkoorden inzet die de basis van zijn improvisatie rond ‘Said and Done’ vormen, gaat dit weer met speels gemak. Als Ólafur hem lachend een glas whisky komt brengen, heeft hij dan ook ruimschoots de tijd om te proosten en alvast een slokje te nemen. De tijden waarin hij componeerde voor de ‘negen-vingerige piano’ liggen dus achter hem. Daar is trouwens wel een nieuw album uit voortgekomen: Screws. Deze is gratis te beluisteren en downloaden op de website van Erased Tapes.

Wat volgt is een overrompelende aaneenschakeling van zijn werk, waarin hij tijd vindt om zijn EP Wintermusic aan bod te laten komen en ook een blokje Felt (2011) in te gelasten. Daarin speelt ook de bijna te lieflijk aandoende melodie een rol die tijdens Indiestad nog praktisch op zichzelf stond. Nu is deze onderdeel van zijn epos, en mag ook oude bekende Anne Müller meespelen. Zij diept het één en ander effectief verder uit met behulp van het altijd wat melancholische geluid van haar cello. Op de valreep speelt hij nog een extra venijnige versie van het elektronische ‘For’. Toch klinkt Nils de laatste tijd hoopvol, positief. Het lijkt dus goed met hem te gaan. En zo lang dat prachtige avonden als die van vanavond oplevert, is dat ook voor zijn publiek alleen maar heel erg mooi.


Je kunt geen reactie achterlaten.