Over de bandnaam …And You Will Know Us By The Trail of Dead was veel te doen. Er zijn vele theorieën over waar deze vandaan komt, maar feit blijft dat de naam even lang is als de muziek divers is. Compacte noise-songs, harde post-hardcore-uithalen, lange prog rockpassages en gekke art rockfrutsels, de band doet het allemaal. Hoe langer de band meegaat, hoe groter de live-reputatie. Tot het punt dat deze reputatie verwoestend was, toen deed de band het iets ‘normaler’. Al is ‘normaal’ geen woord wat in het woordenboek van de band staat.
De keuze voor de supportact bijvoorbeeld, die is altijd nét even anders. Kijk maar eens naar de vorige tour, toen de heren Rival Schools liet openen in de Melkweg. Of de tour dáár weer voor, toen Vera werd opgewarmd door Long Distance Calling. Vandaag heeft de band uit Texas het Britse Maybeshewill meegenomen en dat pakt voor de één beter uit als voor de ander. De zaal is nog rustig als de vijf heren uit Leicester het podium betreden, maar de mensen die er zijn krijgen een erg sterke set voorgeschoteld. Uitermate strakke en kwalitatief hoogstaande post-rock met math rock-invloeden is het recept en door het gebruik van elektronica en pianotonen doet de band zelfs iets denken aan 65daysofstatic. Maybeshewill klinkt wellicht wat minder verwoestend, maar dat kan ook aan het geluidsniveau liggen.
Een lange ombouwpauze hebben de mannen van …And You Will Know Us By The Trail of Dead nodig, wellicht omdat het één en ander die middag nog niet goed was gesoundcheckt. Toch gaan alle handjes op elkaar als ‘Ode to Isis’ klinkt als intro. De intro van Worlds Apart uit 2005 wordt opgevolgd door ‘Will You Smile For Me’ en ‘Worlds Apart’, de opvolgende tracks van dit album. Heel even wordt de hoop uitgesproken dat de heren het album integraal zullen spelen, maar dat zal toch wel niet?
Inderdaad, dat zal ook wel niet want hierna volgt ‘Lost Songs’, van de gelijknamige nieuwe plaat. Opvallend is hoe sterk Conrad Keely klinkt, dat zijn we namelijk niet van hem gewend. Keely is niet de sterkste rockzanger van de laatste paar jaren, maar zijn songwriting en het feit dat veel zanglijnen gedeeld worden met Jason Reese maakt veel goed. Na dit sterke begin van de set zakt het geheel wat in met tracks van tweede plaat Madonna, tracks die absoluut het niveau niet halen van de laatste paar platen. ‘Caterwaul’ klinkt als een lichtpuntje in de duisternis, maar pas nadat er twee tracks van Tao of the Dead de revue passeren, richt de band zich weer even op.
En hoe goed Keely ook klonk in het begin van de show, zo zwak klinkt hij naarmate er meer songs gespeeld worden. Door de ongelukkige songkeuze (tweede plaat Madonna krijgt een hoofdrol, The Century of Self wordt overgeslagen, meesterwerk Tao of the Dead komt er karig van af met twee korte tracks, idem voor nieuwe plaat Lost Songs) komt de energie niet écht lekker over. Een enkeling waagt zich aan een dansje voorin de zaal, maar daar blijft het ook bij. En dat constante wisselen van de plek achter de drumkit (drummer van het eerste uur Reese wil namelijk meer dan eens van plek wisselen met nieuwe drummer Jamie Miller) haalt de vaart er natuurlijk ook uit. Door het allesbehalve optimale geluid (heeft iemand bassist Autry Fulbright II überhaupt wel gehoord?) klinkt het helaas heel rommelig. En ‘rommelig’ is misschien ook wel de beste samenvatting van deze show.
Foto’s: Dennis Wisse














