Best Kept Secret 2014: dag 1

Door Robin Oostrum 25 juni 2014 1

Wat was het vorig jaar een welkome afwisseling in de al zo drukke Nederlandse festivaljungle. Op een safaripark in Brabant stonden de grootste indiehelden (Damien Rice, Arctic Monkeys), tranentrekkers (Damien Rice, Sigur Rós) en zelden-in-Nederland-artiesten (Damien Rice, Portishead) op één driedaags festival. Met ruim opgezette campings, een meer waar daadwerkelijk in gezwommen kon worden en de hipste eettentjes onderscheidde Best Kept Secret zich in één klap van de steeds mainstream wordende popfestivals elders in het land. Niet verwonderlijk keerde het festival dit jaar dus terug naar Hilvarenbeek voor een driedaagse mix aan spannende clubcircuit-namen (The Notwist, Mogwai, Daryll-Ann) en gevestigde festivalheadliners (Franz Ferdinand, Elbow, Lykke Li).

Samaris

Samaris

We hadden het al in het blokkenschema gezien, maar nu met onze eigen ogen: er is een podium bijgekomen. De FIVE zorgt voor een nog wat bredere programmering dan vorig jaar, terwijl St. Paul-residentie FOUR een mooie eigen plek aan het begin van het terrein – nog vóór de iconische blokletters – heeft gekregen. Aan het rijke culinaire aanbod is ook niets veranderd: opnieuw worden festivalgangers luid door het-meisje-met-de-megafoon naar de biologische friet kapsalon gelokt, terwijl verderop ruimte is voor pasta’s, wijnen, versgebakken pizza’s, gegrilde beesten en nog veel meer. Nieuw is wel de Lakeside Bar: een café aan een pier in het meer waar nog in echte glazen wordt geschonken. Tussen al dat drink- en eetaanbod wordt er ook nog muziek gemaakt. Een verslag van de vrijdag, met onder meer Interpol, James Blake en de good old Pixies.

To Kill a King

To Kill a King

Terwijl veel kampeerders nog rustig hun tent opzetten op veldjes met wilde safari-namen als Impala of Eland-Antilope, beginnen om drie uur de eerste acts te spelen. Het rechtstreeks uit IJsland overgevlogen Samaris warmt de THREE-tent op met een mix van elektronische beats en dromerige sprookjesmuziek. In het programmaboekje wordt de vergelijking met Sigur Rós gemaakt, maar de combinatie van elektronica, klarinet en hoge zang doet live vooral denken aan de (andere) landgenoten van Múm. Via het op twee hitjes na wat slappe To Kill A King naar London Calling-hype Circa Waves, die een half uur lang de TWO overspoelen met hun Britse no-nonsense gitaarpop. De debuutplaat laat nog even op zich wachten, maar set-afsluiter ‘Get Away’ zorgt alvast voor de eerste crowdsurfer van het festival.

Daryll-Ann

Daryll-Ann

De zegetocht van Daryll-Ann brengt ze ook langs Beekse Bergen: opnieuw openend met ‘A Proper Line’ krijgt het Best Kept Secret-strand een degelijke set aan Nederlandse indie-classics voorgeschoteld. De openluchtshow onderscheidt zich van de clubshows in de reactie van het publiek: waar we eerder dit jaar nog luid applaus hoorden op ingetogenere songs als ‘Summerdaze’ en ‘When War Is On’, zijn het vandaag vooral de meezinghitjes die overtuigen. ‘Always Share’, het aan Louis van Gaal opgedragen ‘Tools R Us’ en ‘Surely Justice’ blijken daarin het meest succesvol, al is tegen die tijd een deel van het publiek richting een ander podium of eetkraampje vertrokken. Daryll-Ann is ook twintig jaar later nog geen band van het grote publiek.

Midlake

Midlake

Midlake staat eigenlijk elk jaar wel een keer in een Nederlandse popzaal, maar optredens op openluchtfestivals zijn zeldzaam: ondanks enkele Pukkelpop-optredens wordt Lowlands bijvoorbeeld steevast overgeslagen en moeten we het al jaren doen met kleinere indoorfestivals als Motel Moza?que en Crossing Border. Op voorhand dus geen logische keuze om Midlake op het hoofdpodium (in de open lucht) te programmeren. Met dank aan een doorbrekende zon en een sterk tweede deel van de set komen de Texanen hier echter prima uit de verf. Toch moet de band zelf ook merken dat het grootste applaus klinkt voor de oudjes van succesalbum The Trials Of Van Occupanther, uit 2006 alweer. Al met al is Midlake zeker niet de meest relevante act van het festival, maar voor velen wel een aangename naam die van de checklist kan worden gestreept.

James Blake

James Blake

Het is moeilijk te geloven, maar James Blake is nog altijd pas 25. Twee reguliere albums en een gros aan EP’s brachten de jonge Brit al naar grote festivaltenten en -weides op (onder andere) Lowlands en Pitch. Nog meer dan bij Midlake is de vraag vooraf hoe de experimentele minimal post-dub tot zijn recht komt in de open lucht. Nog duidelijker dan bij Midlake is het antwoord: goed. James Blake begint opvallend met ouder werk, met vroeg in de set EP-favoriet ‘CMYK’, doorbraak-single ‘Limit To Your Love’ en de wonderschone Joni Mitchell-cover ‘A Case of You’. De kenmerkende dreunende bass-trillingen van de ONE moeten tot de camping voelbaar zijn. Of dan in elk geval op het strand, waar het publiek het eerste échte hoogtepunt van Best Kept Secret voor zich ziet.

Interpol

Interpol

Door naar een typisch geval “hate it or love it”: Interpol. De New Yorkse postpunkformatie van Paul Banks blijkt bij het betreden van de TWO nog altijd op een flinke fanschare te kunnen rekenen ondanks een vrij matig laatste album, dat bovendien alweer uit 2010 stamt. Dat lost de band doodleuk op door geen enkel nummer van de laatste twee albums te spelen, hetgeen gecompenseerd wordt met drie sterke nummers van het later dit jaar te verschijnen vijfde album El Pintor. Maar verder louter oudjes, en dat werkt uitstekend: van de prachtige melancholische fan-favorieten ‘Hands Away’ en ‘NYC’ tot de punkige Antics-klassiekers ‘Evil’ en afsluiter ‘Slow Hands’ speelt Interpol hier eindelijk weer eens een show die recht doet aan de ooit verworven status van indie-pioniers. Dat hadden we na die slappe Lowlands-show van 2011 wel weer even nodig.

Pixies

Pixies

En dan staan daar de Pixies, wat betreft lang-niet-gezien-status de Damien Rice van deze Best Kept Secret-editie. Deels sceptisch, deels nieuwsgierig is het veld heel aardig volgelopen, maar velen houden het na vijfde nummer ‘Gouge Away’ wel voor gezien. Het gezapige begin blijkt gelukkig misleidend, want als we alle Indie Cindy-meuk hebben doorstaan blijken Frank Black en co er wel degelijk zin in te hebben. Festival-anthem ‘Where Is My Mind?’ doet dan wat we mogen verwachten, en Doolittle-duo ‘Monkey Gone To Heaven’ / ‘Debaser’ zorgt voor een heel behoorlijke moshpit. Wat er nog over is van het publiek krijst nog een paar minuten “Debaseeerrrr” rond de drank- en frietkraampjes, alvorens haar weg naar bijvoorbeeld Caribou, huis of tent te zoeken.

Caribou

Caribou

De Canadezen van Caribou krijgen de TWO echter vooral leeg met een wel erg wisselvallige en vaartloze set: die hebben we wel eens beter gezien. Met het oog op de veelbelovende zaterdag (The War On Drugs, Slowdive, Together Pangea) verruilen we de TWO voor de Dromedaris-camping, in gedachten mijmerend over de fraaie shows van James Blake, Interpol en – uiteindelijk toch ook – Pixies. Het voelt goed om weer terug te zijn.

Eén reactie »