Interpol @ Heineken Music Hall, Amsterdam

Door Dave Coenen 25 januari 2015 Reacties staat uit voor Interpol @ Heineken Music Hall, Amsterdam

Dit keer geen sneeuwstorm onderweg voor Interpol; eind november waren Paul Banks en consorten ruim twee dagen ingesneeuwd in hun tourbus en concerten in Toronto, Montreal en Boston moesten worden gecanceld. De bezoekers van de Heineken Music Hall hoeven zich vanavond geen zorgen te maken: Interpol is al enkele dagen in Amsterdam en enkel de NS zorgt voor oponthoud door het halve land, maar dat is het Nederlandse publiek wel gewend.

HEALTH, het gemêleerde gezelschap uit Los Angeles, mag de avond openen. Wie nog niet ingeluisterd was of HEALTH nog niet kent, zal misschien even schrikken. Er klinkt luid gegalm door de zaal en dat komt niet alleen door de wat vreemde akoestiek van de HMH. HEALTH heeft namelijk een aantal ‘Zoothorps’ bij zich, een soort gitaarpedaal dat luid geschreeuw in een aantal daarvoor meegebrachte microfoons uitrekt, samplet en vervormt. Verder is HEALTH een wat vreemde blend van allerlei genres en stijlen: de drums zijn metal-achtig, de melodieën expres niet constant en de zang dromerig en erg indie. De drummer en bassist (bijna twee meter lang met haren van half zijn lengte) lijken uit een studentenmetalband te zijn ontsnapt, terwijl de zanger en toetsenist reserves zouden kunnen zijn bij de Arctic Monkeys. De nummers op de setlist vanavond klinken nooit hetzelfde: we horen wat noise/amp a la Ty Segall en Sleigh Bells, wat klassieke metal, beats die klinken als analoog gespeelde techno of Crystal Castles en het geheel wordt afgemaakt met dromerige zang en vaak best catchy melodieën. Welk genre is er eigenlijk niet te horen? ‘Die Slow’  en ‘Health+’ zijn complete genre-morphs; aanvankelijk vreemde, maar toch wel lekkere nummers. Het trucje met de pedalen gaat voor een voorprogramma van 45 minuten bij de laatste nummers wel wat vervelen. Verder schudt HEALTH de driekwart gevulde HMH redelijk wakker, iets dat later nodig blijkt op deze avond.

Al snel krijgt het publiek waar het voor kwam: Interpol. Met het redelijk onthaalde vijfde album El Pintor op zak en een inmiddels lichtgeprezen ‘nieuwe’ live-bassist (Brad Truax) na het vertrek van Carlos ‘D.’ Dengler, belooft het een optreden van kwaliteit te worden.

De band opent met ‘Say Hello To The Angels’ van debuut Turn on the Bright Lights. Aanvankelijk ontvangen met groot applaus, lijkt het optreden nog niet helemaal op gang te komen als er nieuw werk (‘Anywhere’, ‘My Blue Supreme’) wordt gespeeld. Frontman Paul Banks noemt Amsterdam na enkele nummers zo ongeveer zijn favoriete stad, met een instemmend knikkende gitarist Dan Kessler op de achtergrond. Samuel Fogarino drumt zijn partijen strak, maar veel persoonlijkheid komt er niet vanaf. Het publiek lijkt er na ‘Evil’ een beetje in te komen, maar tot ongeveer de helft van de setlist lijkt deze avond een gevalletje “nét niet” te worden.

Hoewel er eigenlijk aan bijna alle elementen niet veel mankeert: Banks, Fogarino en Kessler zijn bescheiden, maar niet onenthousiast. Op fouten of slordigheid is Interpol ook verre van af te rekenen. Wisselingen in de setlist en een achtergrondscherm zorgen ervoor dat het entertainmentgehalte voor zowel fan als artiest hoog genoeg blijft. Maar hoog genoeg is niet uitstekend. Vanaf ongeveer de helft van de set (‘NYC’ lijkt een keerpuntje) wordt er meer gebruik gemaakt van licht, kleuren en visuals. Een goede zet, want het brengt de sfeer en de closeness die de set voorheen nog wat miste. Toch blijven de applausjes van wisselend niveau. Het heeft misschien nog wat maanden nodig, maar fan-favorites zijn vierde en vijf platen Interpol en El Pintor nog niet: het publiek wordt enthousiast van klassiekers als ‘Slow Hands’ en ‘Rest My Chemistry’, met die geweldige ‘Where is My Mind?’-achtige riff. Pas dan is de energie die de zaal in geblazen wordt voelbaar en heerst er een oprecht goede sfeer, zowel bij de band als het niet al te jonge aanwezige publiek.

Na ongeveer een uur houdt Interpol de reguliere set voor gezien en volgt er nog een toegift van een kwartier, die wordt geopend met meest recente hit ‘All The Rage Back Home’. Niets mis met de uitvoering, maar wederom niets bijzonders. Als de laatste tonen van het meer geslaagde ‘Stella Was A Diver and She Was Always Down’ klinken, gaan de lichten alweer aan.

Interpol stelt niet geheel tevreden vanavond: licht routineuze momenten in de set worden afgewisseld met strak gespeelde hoogtepunten uit het oeuvre. Is het de wat korte set? Zijn de nieuwe albums gewoon minder goed dan de eerste albums? Of is het toch het grote gemis van Interpol-steunpilaar Carlos D.? Misschien is het dat wel. Interpol mist de klik met het publiek en de stage-personality vanavond om van een strak en beter dan gemiddeld optreden een onvergetelijke avond te maken.

Je kunt geen reactie achterlaten.