Into The Great Wide Open 2015: dag 3

Door Julien L'Ortye 9 september 2015 Reacties staat uit voor Into The Great Wide Open 2015: dag 3

De laatste dag van Into The Great Wide Open belooft in ieder geval een relatief droge te worden, voor zover je je af kan vragen wat ‘relatief droog’ deze dagen nog voorstelt. De regenslag – tegenslag, anyone? – doet er niets aan af dat het uit Istanbul afkomstige Baba Zula op deze zondag de spits af bijt, maar zo op het eerste gehoor – onder het afleidende genot van een zalig broodje gerookte biefstuk – de dag toch niet al te hoogdravend in weet te luiden. Waar het ze dan aan ontbreekt, valt lastig te zeggen. Muzikaal is het geen zooitje, allerminst, maar om nou te zeggen dat deze Turkse volksmuziek – leunend op een mengeling van dub, rock en wereldmuziek – hier een overtuigende set neer zet, nee. Daarvoor is het iets te onsamenhangend en valt er te weinig een lijn in te ontdekken, wat er weer voor zorgt dat het verrassend aardig toegestroomde publiek op het Sportveld hier niet kan blijven.

De keuze om ietwat vroegtijdig te vluchten is dan ook snel gemaakt, te meer omdat All We Are op het Fortweg van de partij is. Liefhebbers van London Grammar kennen de multiculturele band – met leden uit Noorwegen, Brazilië en Ierland – wellicht al een tijdje, daar ze tijdens hun headlineshow in de Heineken Music Hall een geweldig voorprogramma verzorgden en inmiddels is het gezelschap al een enkel hitje verder. ‘Feel Safe’ bijvoorbeeld, een elektronische popsong die sterk genoeg in elkaar steekt om wat hitlijsten te kunnen hebben behaald, iets wat de band tot op heden nog niet echt gelukt is. Hoogtepunt is (stiekem) wel hun cover van Caribou’s weergaloze (zomer)hit ‘Can’t Do Without You’, dat dan ook weer een boel zegt over de set die All We Are hier neer zet. Degelijk en overtuigend, maar tegelijkertijd toch ook niet structureel boeiend te noemen. Het gebrek aan killersongs speelt de band parten, maar zodra ze er eentje te pakken hebben, kan dit collectief heel ver komen. Wellicht dat we ze alvast voor London Calling kunnen neer pennen.

Bovendien dreigt een regenbui ons weer te overvallen, dus voordat we drijfnat weer bij het Sportveld aanbelanden, gaat de festivaltocht voort richting het betreffende veld voor Dazzled Sticks. Een meer opmerkelijke samenwerking kom je niet tegen, te meer omdat Tjeerd Bomhof (ex-Voicst en voornamelijk producer) de afgelopen jaren amper – voor zichzelf – in de studio belandde. Ondanks dat gegeven bleek zijn samenwerking met Opgezwolle-rapper Sticks goud waard, zo blijkt te meer tijdens het optreden dat de twee hier op Vlieland weg geven – dat slechts hun derde optreden ooit is. Bomhofs producties blijken ondanks de alternatieve vibe die ze hebben uitstekend aan te sluiten op de raps van Sticks, die voornamelijk met zijn vindingrijkheid continu de show weet te stelen. Ondanks zijn productionele werkzaamheden valt het dan te betwijfelen wat Bomhof nu precies aan deze show bijdraagt, maar de songs die het tweetal samen gemaakt heeft zijn zo idioot goed dat dit slechts een mager minpuntje is.

De droogte, in de meest positieve zin van het woord, lijkt dan eindelijk een feit, maar we zitten nog geen vijf minuten bij het prachtige Bospodium en de neerslag lijkt weer een wezenlijke spelbreker te gaan zijn. Nog voordat presentator Jaap Boots Torres goed en wel heeft aangekondigd, dient hij zijn woorden haast in te moeten slikken en moet er gelijk een en ander bedekt en hersteld worden qua instrumentatie. Gelukkig laat de 24-jarige Mackenzie Scott zich hier niet uit de weg slaan en zet de Amerikaanse, leunend op haar meer dan fraaie tweede plaat Sprinter, waar de gelijknamige fantastische single ook uit voortkomt, hier een van de sterkste shows van het festival neer. Torres weet zich soms compleet te verliezen, zoals in het van haar eerste plaat afkomstige ‘Mother God, Father Earth’, of in de voor haar doen rustieke en ietwat (en tevens door Pitchfork opgepikte) single ‘Honey’, die ondanks het trage tempo bij vlagen ook door merg en been snijdt. Dat haar pilaren flink op PJ Harvey en op momenten ook op St. Vincent steunen, is haar eenvoudig te vergeven, want zo intens als Scott zo nu en dan in haar optreden zit zonder afstandelijk te worden, getuigt van grote klasse.

Zei daar iemand grote klasse? Dan mag de naam van Fresku natuurlijk niet ontbreken. De Eindhovense rapper – Woensel, jonge – is de man van het moment, voornamelijk dankzij zijn single ‘Zo Doe Je Dat’, waarmee hij intense kritiek uit op het gebrek aan donkere hiphop in Hilversum. Het had (en heeft) de nodige impact, want hoewel het voornamelijk aan de mediastad in zijn algemeen gericht was, voelde 3VOOR12 zich gedwongen om liefst tweemaal uitgebreid te reageren op de aanklacht van de Brabander. Daarbij komt dat zijn slotshow hier op Vlieland – tot deze spot gebombardeerd dankzij de afzeggingen waarmee het festival te kampen had – zijn officieuze albumpresentatie is. Fresku blijkt daar nogal over te hebben nagedacht. De Eindhovenaar doet het tegenwoordig met een volledige band in plaats van zijn vertrouwde dj. Een keuze die, helemaal voor een hiphopact, verrassend goed uit pakt. Enkele singles kenden we al, maar ook ‘Altijd Alleen’, waarvoor hij Glen Faria op het podium haalt, of bijvoorbeeld het voortreffelijke ‘Nooit Goed’, waarin Mocromanic zijn ding mag doen, zijn nummers die aantonen dat Fresku’s derde plaat Nooit Meer Terug wederom een parel genoemd mag worden. De rapper switcht tussen emoties alsof het niets is en daar ligt juist zijn kwaliteit; zich openstellen en zijn publiek zich laten confronteren met zaken waar ze zichzelf niet mee (durven te) confronteren. Fresku is een artiest uit duizenden en daarmee de meer dan voortreffelijke afsluiter van een nat, koud, maar toch vooral geweldig festival.

Je kunt geen reactie achterlaten.