Best Kept Secret 2016: dag 2

Door Robin Oostrum 20 juni 2016 Reacties staat uit voor Best Kept Secret 2016: dag 2

Dag twee van Best Kept Secret begint voor ons bij belofte Julien Baker in de THREE. Die tent is dit jaar vervangen door een soort schuur die slechts aan één kant open is, hetgeen dit weekend overall een slechte keuze blijkt: zelfs acts met enig volume hebben hier alle moeite om boven het aan alle kanten echoënde gekakel uit te komen. Laat staan Julien Baker, die hier in haar eentje met een elektrische gitaar de intiemste liedjes ten tonele brengt. Liedjes die vooral de worstelingen met haar geloof en seksualiteit tonen, zoals in het prachtige ‘Rejoice’ halverwege de set: “Why did you let them leave and then let me stay?” vraagt ze vertwijfeld in haar gebeden. Degenen die aandachtig zijn blijven luisteren hoeven zich dat gelukkig niet af te vragen: hier gaan we nog wel meer van horen.

Terwijl duizenden Belgen de hoosbuien trotseren om op een groot scherm de wedstrijd tegen Ierland te bekijken, vermaken achtereenvolgens Blossoms en Glass Animals de liefhebbers van dansbare indie die minder behoefte hebben aan diepgang. Gelijk hebben ze met dit weer. Wij belanden bij één van de merkwaardigste optredens van dit festival bij het duo Sleaford Mods. Een impressie van het podium: twee Britten van middelbare leeftijd, één laptop en een sixpack bier. De ene zet elk nummer in met een klik op zijn laptop, steevast gevolgd door een stap naar achter, een hand in de broek en een nieuw biertje in de ander. De tweede spit er in onvervalst Nottinghams accent punky raps over de politiek, economie et cetera overheen. In zekere zin absoluut een gimmick, en een uur Sleaford Mods is echt lang, maar zo rauw en met inhoud dat het (toch minstens een half uur) alleszins vermakelijk is.

Weer terug naar de FIVE voor het vijftal van Ulrika Spacek, dat de volumeknop flink heeft opengedraaid. Met liefst drie gitaristen is de muzikale invalshoek al snel duidelijk: een gelaagde muur van geluid uit de jaren negentig shoegazehoek, met daaroverheen de echoënde zang van Rhys Edwards. Die laatste staat overigens beduidend zachter in de mix van de instrumenten (en vooral de drums), een keuze die we wel vaker zien in het genre. Ondanks dat het tempo een uur lang iets te gelijkmatig blijft om de Five eens goed wakker te schudden, zet Ulrika Spacek hier een fijn optreden neer. Wat dat betreft dient de vergelijking met Moon Duo gisteren zich al snel aan: dit soort acts werken toch net iets beter op een liefhebbersfestival als Eindhoven Psych Lab, waar overgave aan een urenlange trip makkelijker is dan op een van alle kanten prikkelend festival als Best Kept Secret.

In de TWO gaan ondertussen de geruchten over een zieke J Mascis: zou het optreden van Dinosaur Jr. last-minute worden gecanceld? Ha, maar daar lopen Barlow en Mascis al het podium op. Althans, laatstgenoemde werkt zich naar een stoel, verontschuldigt zich dat hij zich hondsberoerd voelt en zet snel het eerste nummer in. De rockdino’s gaan al drie decennia mee, maar wisselen hier de hits (‘Watch the Corner’, ‘Feel the Pain’, ‘Freak Scene’) slim af met nieuw materiaal dat later dit jaar zal verschijnen. Een voordeel voor de zieke Mascis: zijn zang klinkt altijd al alsof hij aan de hoestsiroop zit, de gitaarsolo’s snijden – ziek of niet – nog ouderwets door de zielen van de aanwezigen. Zo bezeten bassend zagen we Barlow trouwens ook niet vaak, al is enige vorm van podiumchemie met Mascis nog altijd ver te zoeken. Op halve kracht of niet, uiteindelijk verlaten we de TWO toch met meer interesse in het nieuwe werk dan voorafgaand aan de show. Al snappen we niet helemaal waarom de backdrop van de I Bet On Sky-tour (uit 2012!) nog altijd op het podium hangt.

Via het tegenvallende Air en het fraaie doch saaie Wild Nothing zijn we alweer terug in de TWO voor een volgend hoogtepunt: Destroyer. Wie na een zittende Mascis hoopte op iets met meer showelementen komt dan natuurlijk bedrogen uit. De podiumvrezende Dan Bejar kijkt in een uur welgeteld twee keer vluchtig het publiek in en weet het te presteren geen enkel woord met de tent te wisselen. Hoeft ook helemaal niet als je zo’n optreden neerzet: er wordt nota bene begonnen met grootste hit ‘Chinatown’ in een schitterende slowjazzuitvoering, nog vele malen fraaier dan de Kaputt-versie met kille synthesizers en jaren tachtig drumcomputer. Om zich heen heeft Bejar een Lambchop-achtige band geformeerd met ruimte voor trompet en saxofoon, hetgeen bewonderenswaardig genoeg óók goed uitpakt voor nummers van de vorig jaar verschenen plaat Poison Season (2015). Ja, op ‘Dream Lover’ horen we even die Springsteen-rock die we bij de release al zo vreemd vonden aanvoelen bij de introverte Bejar: live ziet het er even knullig als vermakelijk uit, zoals hij daar in zijn microfoon gekeerd een poging doet mee te bewegen op zijn meest uptempo nummer. Hij herpakt zich snel met het veel mooiere ‘Archer On The Beach’, ook van die plaat, om af te sluiten met het mooiste livenummer uit zijn repertoire: een vijftien minuten durende uitvoering van ‘Bay Of Pigs (Detail)’. “Soon, soon” zijn de laatste woorden van het optreden. In deze vorm kunnen we alleen maar hopen op een snelle terugkeer naar Nederland.

Even slikken, de overgang van het verstilde Destroyer naar het larger-than-life-geluid van Editors. Dankzij die Britten zijn er vandaag meer mensen dan ooit op Best Kept Secret, en is er zelfs een barrier neergezet om een soort van voorvak te creëren in de blubberzooi die van het verregende strand geworden is. Dat het een wisselvallig optreden is ligt niet alleen aan Editors: het regent, het is een blubberzooi, het publiek staat er matjes bij en het geluid staat veel te schel. Erger is dat de nieuwere nummers gewoon beduidend minder interessant zijn dan het oudere werk: U2-kloon ‘A Ton Of Love’ krijgt op standje stadionrock het strand nog wel mee, verder vormt toch vooral ieder nummer van An End Has A Start of The Back Room (waarvan ‘Open Your Arms’ de grootste verrassing is) een opleving. Een rondstuiterende Tom Smith, het vuurwerk bij ‘Papillon’ of de solo achter piano gespeelde tranentrekker ‘No Sound But The Wind’: Editors blijft vanavond vooral een voorspelbare headliner, met grootse gebaren en (te) veel matige liedjes.

Terwijl we nog verwonderd toezien hoe Ho99o9 (spreek uit: Horror) de FIVE afbreekt met een mix van post-punk, samples die door gitaarversterkers worden geblazen en afschrikwekkende raps, kijken we alvast uit naar de volgens verwachting zonnigere zondag.

Je kunt geen reactie achterlaten.