Motel Moza?que 2014: dag 2

Na de indrukwekkende vrijdag kijken we reikhalzend uit naar de Motel Moza?que-zaterdag. Die begint vroeg: om elf uur staat de eerste 3voor12-sessie al gepland. In tegenstelling tot gisteren vinden die sessies vandaag plaats op het Schouwburgplein, voor de gelegenheid omgedoopt tot Plaza Moza?que. Dat leidt vandaag tot een gezellige drukte en dito sfeer, als menig festivalbezoeker van zon en koffie geniet tijdens de gratis toegankelijke sessies van onder meer Thumpers en George Ezra.

Erlend ?ye kennen we nog als The Whitest Boy Alive en als de helft van Kings of Convenience. Solo schijnt er nu ook een album aan te komen van de man die recentelijk naar Rome is verhuisd. De charmante Noor speelt ‘s ochtends de definitie van wakkerwordmuziek: lome laagstemmige folkliedjes, begeleid door (nauwelijks hoorbare) drums, akoestische gitaar en dwarsfluit. Als afsluiter van de Schouwburg lijkt het aanvankelijk ‘s avonds dezelfde kant op te gaan. Maar dan laat hij zijn IJslandse drummer opeens solo een nummer van diens reggaefolkband Hjálmar zingen, om vervolgens zelf verder te gaan in het… Italiaans. Cabaret van het sympathiekste soort, waarbij de zaal en passant op een taalles getrakteerd wordt en op de aangewezen momenten “arriverderci” en “ciao” roept. Muzikaal een weinig beklijvend optreden, vermakelijk des te meer.

Terug naar de sessies eerder op de dag. Matthew & The Atlas bracht in 2010 en 2011 maar liefst drie EP’s uit, maar debuutalbum Other Rivers verscheen pas vorige week. Sterk op de stem van zanger Matthew Hegarty leunend mist de muziek vooral originaliteit: als we zowel Dry The River als Other Lives terughoren is die albumnaam misschien zo gek nog niet. George Ezra doet het vervolgens een stuk beter. De BBC Sound of 2014 heeft een geweldige stem én een geweldige hit, en dus is het niet vreemd dat de Kathedraal ‘s middags uitpuilt met nieuwsgierige toeschouwers. Na afloop neuriet het halve plein nog ‘Budapest’, maar hij maakt minstens zoveel indruk met zijn meer rootsy Americana-klinkende nummers. Enige minpunt is de enorme feedback op George’s gitaar.

Na een sterke en opvallend energieke sessie van Moss is het tijd voor het avondprogramma. Opener in de Schouwburg vanavond is Hauschka. Want iedereen weet: je kunt geen festival organiseren zonder een hippe, neo-klassieke componist op je bill te zetten. Wat dat betreft is de Duitser een welkome afwisseling op de meer gebruikelijke namen als Valgeir Sigur?sson, ?lafur Arnalds en Nils Frahm. De 48-jarige Volker Bertelmann wijdt Motel Moza?que een uur lang in over zijn geprepareerde piano, waarmee hij flarden van zijn recentste werk Abandoned City speelt. Dankzij een camera in de piano zien we hoe hij met (onder andere) pinnen, ducttape en een tamboerijn de fraaiste composities uit het bouwwerk tovert. Is het interessant om interessant te doen? Wellicht, maar het klinkt 80% van de tijd ook nog erg fraai. Die andere 20% zijn te wijten aan het wel erg lompe geluid wanneer Hauschka het volume opschroeft. Komisch: zelfs het één voor één verwijderen van alle attributen is onderdeel van een compositie.

Door naar een venue waar we nog niet eerder waren dit weekend. Je mag de Paradijskerk gerust mythisch noemen vanavond: terwijl de zonnestralen door het kerkramen breken, staat Luke Sital-Singh hier in zijn eentje op het podium. De 26-jarige Londenaar klinkt akoestisch – of zelfs geheel a capella – als Damien Rice meets Jeff Buckley, al zijn de teksten van een beduidend clichématiger niveau. De meeste indruk maakt hij nota bene met zijn openingstrack ‘I Have Been A Fire’, waarin hij als een bezetene (denk aan Lift To Experience) over zijn elektrische gitaar heen krijst. De galmende kerk-akoestiek doet de rest. Met een wat uitdagender songmateriaal kan Luke Sital-Singh het nog ver schoppen.

Gisteren was anderhalf uur Daryll-Ann wat teveel voor de gemiddelde festivalbezoeker, vandaag wacht Jonathan Wilson hetzelfde lot. Compromisloos als we hem kennen speelt hij met zijn band weer een puike psychedelische gitaarpartijenset, met veel aandacht voor zijn vorig jaar verschenen album Fanfare. Compromisloos, want de lome nummers met lang uitgesponnen solo’s zijn zeker niet anderhalf uur aan iedereen besteed. Bovendien begint halverwege Angel Olsen in De Gouvernestraat. Haar album Burn Your Fire For No Witness zorgde voor een voorzichtige hype rond de Amerikaanse, maar weinigen zullen rekening hebben gehouden met een enorme rij voor de deur. Onbegrijpelijk dat vervolgens een groot deel van het publiek dwars door de ijzige stem van Angel heen kwekt. Desondanks geeft Angel Olsen hier een prachtig, indringend en een tikkeltje eng optreden: tijdens ‘Lights Out’ kijkt ze strak een jongen op de voorste rij in de ogen, bij ‘Creator, Destroyer’ schreeuwt ze met de haar zo kenmerkende vibrato “fuck this and everything we’ve done / fuck you / fuck you and your lies.” Met een innemende lach voegt ze er vervolgens aan toe dat die woorden niet aan ons gericht zijn. Los van deze hoogtepunten smaakt het optreden vooral naar een snelle terugkeer: naar een zaal met een aandachtig publiek en naar een iets minder nukkige Angel dan vanavond. De compleet kleurloze begeleidingsband mag ze dan thuislaten.

Jonathan Wilson

Na Angel Olsen is het tijd voor de Italiaanse les van Erlend ?ye, waarna Motel Moza?que er voor ons opzit. Vrijdag was muzikaal gezien het sterkst, de combinatie met de heerlijk ongedwongen Schouwburgpleinsfeer op zaterdag maakte deze editie tot een zeer sterke. Ook opvallend: we horen dit weekend niemand meer over de Corso, de zo verfoeide discotheek die de voorbije jaren nog als festivalvenue diende. De nieuwe Kathedraal op het Schouwburgplein overtrof het failliete stinkhol in geluid, sfeer, geur en locatie, en had met Wild Beasts bovendien één van de hoogtepunten van Motel Moza?que op het podium. We zijn alvast benieuwd welke verrassingen Motel Moza?que volgend jaar voor ons in petto heeft. Tot ziens Rotterdam!

Overige foto’s dag 2


Tekst: Robin Oostrum
Fotografie: Wim Barzilay