Timber Timbre @ Doornroosje, Nijmegen

Zagen we?Timber Timbre vier jaar terug niet verzuipen in het Muziekgebouw in Eindhoven? Het drietal had net haar eerste plaat op een groot label?uitgebracht, die het dankzij Nico Dijkshoorn tot voorzichtige twitterhype schopte. Als voorprogramma van Jónsi leek de intieme folk van de Canadezen destijds te zacht om indruk te maken op de groteske Eindhovense zaal. Hoe anders is dat vanavond, als Timber Timbre met vier man Doornroosje bespeelt met haar intense folknoir.

Voorprogramma is?Sean Nicholas Savage, eveneens afkomstig uit Canada. Gehuld in een regenjas en begeleid door een bebaarde beat-man speelt de jonge Steve Buscemi-lookalike slicke R&B van zijn vorig jaar verschenen debuutalbum?Other Life. We horen veel jaren tachtig-invloeden en slechte grappen van de ladykiller, maar muzikaal weet Sean er weinig interessants van te brouwen: single ‘She Looks Like You’ is het enige nummer dat langer dan een minuut weet te boeien. En waarom wordt élke track uitgefaded?

De podiumsetting van Timber Timbre is bijzonder te noemen. Twee sfeervolle verandalampjes bungelen aan het plafond, terwijl op de achtergrond een enorme discobol en enkele staande peertjes de huiskamersetting completeren. Opvallende afwezige is de saxofoon, die op meest recente plaat?Hot Dreams door – de vanavond eveneens absente – Colin Stetson zo’n belangrijke rol vertolkt. Openend met ‘Grand Canyon’ is van een huiskamersetting of saxofoongemis nog weinig sprake: zanger en voormalig filmmaker Taylor Kirk bezingt met zijn kenmerkende tenorstem een denkbeeldige trip van Phoenix naar Hollywood, terwijl gitarist Simon Trottier zijn zessnarige gitaar – niet voor het laatst vanavond – als bas bespeelt.

We horen vanavond niet hetzelfde gevarieerde instrumentarium als op de laatste drie platen. Verrassender dan de afwezigheid van Colin Stetson is die van violiste Mika Posen, die beide worden opgevangen (en vervangen) door keyboardspeler Mathieu Charbonneau. Dat leidt live onvermijdelijk tot twee mindere momenten: het anderhalve minuut durende duet tussen drums en saxofoon op titeltrack ‘Hot Dreams’, wellicht het hoogtepunt van de plaat, wordt nu gedegradeerd tot een lelijk synthesizer-gebrei. Hetzelfde overkomt de strijksessie aan het eind van ‘Run From Me’, al wordt ons hier een sample van het op album aanwezige dameskoortje gelukkig wel bespaard.

Het zijn de enige kritiekpunten op een ijzersterk optreden dat nadrukkelijk leunt op het meest recent uitgebrachte album. “We can play all night… we don’t have that many songs,” grapt Taylor Kirk aan het begin van de toegift, waarna hij publieksverzoekje ‘Demon Host’ solo ter gehore brengt. Dat zogenaamd beperkte oeuvre is vooral een keuze van de band: van de eerste twee in eigen beheer uitgebrachte platen wordt vanavond niks gespeeld. Wel van de self-titled plaat uit 2009, die nu meer indruk maakt dan destijds in Eindhoven.?Woorden als “intens” en “indringend” schieten door je hoofd wanneer Taylor het plafondlampje een zet met zijn gitaar geeft, en in afsluiter ‘Lay Down In The Tall Grass’ zingt hoe hij elke nacht van ons zal dromen. Een tikkeltje eng zelfs, zoals hij met zijn arm gestrekt (zijnde een ware Nick Cave) vraagt “will you beg for forgiveness / will you pray to be saved / the way you choke your children / when they spit in your face?” Logischerwijs durft niemand nog foto’s te nemen als hij het publiek verzoekt om de camera’s en mobieltjes op te bergen. Is het folknoir, darkwaltz, David Lynch, een americana-bulldozer? Wellicht, maar Timber Timbre is in elk geval lekker lekkre.