Into The Great Wide Open 2014: dag 2

Nadat St. Paul ons op de vrijdag met zijn bijzonder aangename plaatjeskeuze tot vroeg in de nacht heeft mogen vermaken, gaan we onze eerste brakke festivalochtend tegemoet. Dit gegeven wordt echter gecompenseerd door wat op papier de sterkste festivaldag op het affiche is, met onder meer Perfume Genius, Ben Howard en Charles Bradley. We trappen af bij die eerste, die ons bedient van weinig woorden, maar des te meer van prachtige liedjes. Het zijn niet de meest luchtige onderwerpen die Perfume Genius (Mike Hadreas) bezingt, dus bevorderlijk voor je brakheid is hij met zijn zware thematiek en niet te missen snik in zijn vocalen allerminst. Daardoor is zo’n liedje als ‘Queen’ – de eerste single van zijn later deze maand te verschijnen derde plaat – in al zijn luchtigheid en poppy sound een wezenlijke verademing. Letterlijk, want Hadreas is in zijn gitzwarte liedjes soms zo beklemmend dat het – helemaal voor dit tijdstip – heel lastig kan beklijven. Neemt niet weg dat hij de halfvolle Fortweg op een manier weet te raken die maar voor weinigen is weggelegd, helemaal wanneer je goed naar teksten van bijvoorbeeld ‘Mr. Peterson’ (over de docent die hem in zijn truck verkrachtte) of ‘Hood’ (over bitterzoete zelfreflectie) luistert. Je voelt hem bij vlagen letterlijk door merg en been trekken.

01 - Perfume Genius

Perfume Genius

Veel groter kan het contrast met The Kik even later dan ook niet zijn, wanneer we het Sportveld opwandelen en presentator St. Paul over Dave von Raven horen zeggen dat de frontman ‘meer sixties is dan de sixties zelf’. We begrijpen nog wat hij bedoelt ook. De Nederbeat van het vijftal staat in combinatie met de immer geestige presentatie van Von Raven garant voor een glimlach op de gezichten, maar juist het huzarenstukje van deze set brengt allerminst vrolijkheid met zich mee. Het is ‘Schuilen Bij Jou’, de bewerking van Chef’Special’s ‘In Your Arms’, dat ook nu weer vele aanwezigen weet te (ont)roeren. Een hele knappe prestatie, temeer omdat het nummer ondanks de algemene vrolijke stemming totaal niet aan voelt als een vreemde eend in de bijt. Als je er over nadenkt, is het vermaak dat The Kik biedt stiekem best wel plat, maar ach. Geen haan die ernaar kraait als het zo effectief blijkt. En dan zijn het ook nog eens stuk voor stuk prima muzikanten, die allen de ruimte krijgen om hun kwaliteiten te etaleren. Geen speld tussen te krijgen.

Wanneer even later François & The Atlas Mountains op datzelfde Sportveld wordt aangekondigd, is het nog angstvallig leeg voor het podium. Daar komt gedurende het optreden weinig verandering en we begrijpen ergens wel waarom. Allereerst moet dat Franse accent waarmee de in Bristol woonachtige François Marry – die tevens wel eens met Camera Obscura op tour gaat – zijn liedjes brengt je niet al na pakweg anderhalf liedje de keel uit gaan hangen en zijn die desbetreffende songs nu niet bepaald van het niveau waardoor je er compleet door van je sokken geblazen wordt. De Afrikaanse ritmes waar ze wel eens om geroemd werden, hebben sinds het dit jaar verschenen Piano Ombre voor een groot deel plaats gemaakt voor (meer) elektronica, vermoedelijk in een verwoede poging meer poppy te worden. Het is Yeasayer zonder de nodige inhoud – luister maar eens naar ‘The Way To The Forest’ – en heeft geen eigen smoel om indruk te maken en verzuipt zodoende op dit veld, dat toch nog wat te groot blijkt.

04 - Jungle By Night

Jungle By Night

Wie daar absoluut geen last van hebben is Jungle By Night, voor wie de Fortweg bomvol gelopen is. De jonge honden zijn erg welkom hier op Vlieland, daar valt niet over te twisten. Zo stonden ze er al in 2011, waar ze samen met Jiggy Djé het festival op het Sportveld afsloten en waren ze er ook in de voorbije twee jaar niet weg te slaan. De afrobeat waarmee ze drie jaar geleden furore maakten is inmiddels aangelengd met allerlei exotische én elektronische invloeden – in dat laatste speelde de samenwerking The Gaslamp Killer een wezenlijke rol – en is zo nog rijker en dansbaarder, zo hoorden we ook op het onlangs verschenen The Hunt. En als we niet weten hoe we op JBN moeten dansen, dan is daar altijd nog Gino Groeneveld (op de conga’s) die voor doet hoe we benen, heupen, romp en armen eerst afzonderlijk van elkaar en vervolgens tegelijk op de beat los moeten laten gaan. Van podiumvrees hebben de Amsterdamse knapen nooit veel last gehad, maar het enthousiasme dat het negenkoppige gezelschap hanteert, lijkt met het optreden aanstekelijker te worden. Aanjager is nog steeds Ko Zandvliet, die het publiek tornado’s laat creëren omdat het best zacht waait, ze naar hun denkbeeldige fles Jutter (een soort kruidenbitter dat populair is op de waddeneilanden, red.) laat grijpen en het zo alweer op een feestje uit laat draaien. Beste band van Nederland? Ja.

Enkele aanwezigen in het Bospodium herinneren zich wellicht nog wel de ronduit ongemakkelijke show van Benjamin Clementine, eerder dit jaar in het MC Theater. Hij was daar op zijn zachtst gezegd niet heel vriendelijk tegen praters, beter gezegd snauwde hij ze zowat af. Hij voerde er een minutenlange conversatie met één persoon uit het publiek over Zimbabwe, terwijl de rest van de zaal wat onwennig toe keek en was omgeven door een bepaalde, ontoegankelijke air waarmee hij zelf zich ook geen raad leek te weten. Niets van dat alles aan het begin van de avond hier op Vlieland, waar vrijwel iedere klassieke pianopopsong die Clementine op het volop aanwezige publiek af vuurt, een schot in de roos is. Het nieuwe, prachtig gejaagde ‘Adios’ bijvoorbeeld, waar hij vanachter zijn vleugel herhaaldelijk ‘that decision is mine’ buldert. Of het ontroerende ‘Cornerstone’, waarin hij uiterst helder zijn periode als dakloze in Parijs – waar hij al spelend in een metrostation werd opgepikt door een platenbaas – schetst. Kippenvel op de armen, tranen in de ogen. De glansrijke revanche van Benjamin Clementine.

06 - St. Paul & The Broken Bones

St. Paul & The Broken Bones

Op het Sportveld heeft Into The Great Wide Open deze zaterdagavond te maken met tweemaal soul: St. Paul and The Broken Bones eerst en een paar uur later afsluiter Charles Bradley en zijn Extraordinaires. Een gelopen race, zou je zeggen, voor zover hier sprake is van een strijd. Niets blijkt minder waar, want hoewel deze zeven mannen uit Birmingham, Alabama de hele show keurig binnen de soullijntjes kleuren, valt niet te ontkennen dat zanger Paul Janeway een veel meer ontwikkelde en muzikalere band bij zich heeft dan zijn 65-jarige genregenoot. Qua presentatie kan hij – al zijn theatrale gedrag ten spijt – zich nog niet met hem meten, maar vocaal is Janeway Bradley vandaag de baas, hoe verbazingwekkend dat menigeen ook in de oren mag klinken. Het mooiste aan de corpulente zanger (met enorme jampotglazen) is misschien wel hoe hij, wanneer je je ogen gesloten hebt, net een inktzwarte priester is die het geloof staat te preachen. Je zou het zo van hem aannemen als je niet beter wist. En zo trekt hij, gesterkt door zijn uitstekende band, het Sportveld van voor tot achter helemaal vol. En da’s niet meer dan terecht.

09 - Ben Howard

Ben Howard

Dat Ben Howard hier staat, mag toch heus een daverende verrassing genoemd worden. De alom geliefde Britse singer/songwriter met de surflooks doet in december van dit jaar liefst driemaal de Heineken Music Hall aan en hadden we na festivalshows voor 40.000 tot 60.000 man niet meer bepaald op Vlieland verwacht. Enfin, hij is er toch en hij blijkt een man met een missie. Plaat nummer twee is op komst en zo’n klein, gemêleerd veld kan dan uitstekend als een proefkonijn dienen, zo zal hij gedacht hebben. Het heeft er alle schijn van dat hij op dat nieuwe album allerminst voort zal gaan borduren op het succes van debuut Every Kingdom, zo verraadden de eerste twee singles al. Daarmee heeft Howard ons niet op het verkeerde been proberen te zetten, zo blijkt al snel. We krijgen liefst negen nieuwe liedjes achter elkaar, waarbij vooral opvalt dat er veel meer nadruk op percussie en de elektronische gitaar is komen te liggen. Psychedelisch willen we het nog net niet noemen, maar het acht minuten durende epos ‘End of The Affair’ mondt in zo’n weergaloze jam uit, dat het woord wel in je opkomt. Het werk van I Forget Where We Were, zoals de nieuwe plaat moet gaan heten, valt allesbehalve tegen. Het is een stuk minder luchtig dan de folkpop die we gewend zijn en er zullen ongetwijfeld hele massa’s fans afhaken, maar ook dat hoort bij het proces van volwassenwording. Daar zit Ben Howard momenteel middenin en het staat hem donders goed.

14 - Charles Bradley and his Extraordinaires

Charles Bradley and his Extraordinaires

Dan de echte afsluiter, Charles Bradley and his Extraordinaires. De soulgrootmeester stuurt zijn band even van tevoren al voor zich uit, zodat hij vervolgens uitstekend aangekondigd kan worden door een van zijn bandleden. Het is een fenomeen hoor, deze man. Hij leidde een leven dat je je ergste vijand niet gunt, overwon zijn plankenkoorts doordat iemand hem door de gordijnen op het podium duwde en liet zijn talent uiteindelijk aan het licht komen doordat hij toch wel heel goed bleek te kunnen zingen tijdens zijn periode als James Brown-imitator. Het is een showman, een ongelooflijk dankbare artiest, een formidabele zanger en bovenal: een ware held. Ook hier draagt het publiek Bradley vanaf seconde één op handen en heel onterecht is dat niet: vanaf hetzelfde moment belooft hij plechtig aan datzelfde publiek het best mogelijke optreden van hem en zijn band te zullen geven. Of hij daar daadwerkelijk in slaagt, dat is nog maar de vraag, maar dat we hier naar een memorabele show staan te kijken, daar mag geen twijfel over bestaan. Bradley gaat meermaals op zijn knieën, doet trucjes met zijn microfoonstandaard, heeft aan het eind van de avond iedereen honderd keer bedankt (en sommigen – natuurlijk – zelfs geknuffeld), doet daar bovenop nog even een outfit change en maakt bewegingen die je een 65-jarige liever niet zou zien doen, maar waar hij wel mee weg komt. Het is niet vernieuwend, noch origineel, maar wat is het een verschrikkelijk plezier en genot om deze man aan het werk te zien. Waar Ásgeir op veel fronten als afsluiter tekort schoot, compenseert Bradley die tekortkomingen ruimschoots.