Jaarlijst 2014: Ronald Kats

lost-in-the-dream_2

  1. The War On Drugs – Lost In The Dream
  2. Shaking Godspeed – Welcome Back Wolf
  3. Temples – Sun Structures
  4. Spoon – They Want My Soul
  5. Future Islands – Singles
  6. Ty Segall – Manipulator
  7. Damon Albarn – Everyday Robots
  8. Beck – Morning Phase
  9. Fratsen – Caspar
  10. TV On The Radio – Seeds

Muziekjaar 2014 begon voortvarend. In snel tempo verschenen er albums die wel eens mijn eindejaarslijstje konden gaan halen. Halverwege het jaar droogde dit enigszins op, waardoor de meeste albums uit mijn top 10 dan ook uit de eerste helft van het jaar komen. Gelukkig waren er ook nog een paar die op de valreep van 2014 nog de lijst haalden.

Al snel kwam The War On Drugs op mijn lijstje te staan om daar vervolgens niet meer vanaf te raken. Lost In The Dream is een album waar je dit jaar gewoonweg niet omheen kunt denk ik en daarom de toppositie. Het Nederlandse Shaking Godspeed legde de lat met hun derde langspeler maar weer eens nog hoger en leverde met Welcome Back Wolf een geweldige rockplaat af. Origineel, tegendraads en vol variatie. Als je van retro psychedelische muziek houdt, was 2014 een topjaar, maar niemand deed het zo goed als Temples die met Sun Structures laten horen dat retro niet betekent dat je per se de boel aan het herkauwen bent.

Al twintig jaar is Spoon de grootste onbekende indie rockband die er zo’n beetje is. Bewierookt door bijna iedereen die ze kent, maar volstrekt onbekend bij de grote massa. Met They Want My Soul laten ze horen, dat het tijd wordt dat meer mensen ze leren kennen en op London Calling in november onderstreepten ze dit nog eens. 2014 was ook het jaar van Future Islands. De danspasjes die hij liet zien bij David Letterman zorgden voor de doorbraak van de band, maar de band wordt daarbij te kort gedaan. Singles is een geweldig lekkere plaat met mooie electropopliedjes. Ty Segall blijft niet stilzitten en bracht maar weer eens een soloplaat uit. Op Manipulator laat hij zich van zijn meest veelzijdige kant zien. Misschien had hij iets selectiever moeten zijn, maar het blijft een geweldige plaat.

De eerste echte soloplaat van Damon Albarn is direct een schot in de ros. Everyday Robots staat vol met melancholische prachtliedjes die Albarn van zijn beste en meest persoonlijke kant laten zien. Ook Morning Phase van Beck staat vol met sfeervolle nummers. Niet echt vrolijk en er staat geen experimenteel knotsgek nummer op maar wel altijd treffend. En toen was Fratsen ineens terug, en hoe! De band rondom Andre Manuel uit Diepenheim in Twente is het nog niet verleerd en de liedjes op het kakelverse Caspar, dat net uit is, zijn muzikaal geweldig en de teksten vlijmscherp. Seeds van TV On The Radio is ook nog maar net uit en laat een toegankelijker geluid horen van de band. Maar gebleven zijn de mooie gelaagde nummers, geduldig opgebouwd met af en toe een rauwer momentje.

Vooraf voorspelden veel kenners een gitaarloos jaar waarbij de elektronica zou overheersen. Dat is achteraf enorm meegevallen en juist tussen de beste albums zitten een paar geweldige gitaarplaten. Gelukkig blijkt de muziekwereld lastig te voorspellen.