Where The Wild Things Are 2015: dag 2

Terrein WTWTA

3voor12 sessie Ex Hex

3voor12-sessie Ex Hex

Terwijl Maxim Hartman een cursus aquajogging geeft en er voor vroege vogels een indiebingo op de planning staat, maakt Where The Wild Things Are zich op voor festivaldag nummer twee. Bezoekers doen het rustig aan en komen pas na het middaguur langzaam hun bungalow uit, terwijl bandjes als Ex Hex, Death From Above 1979 en Meatbodies de 3voor12-bungalow terroriseren met harde sessies. Dag twee komt vooral rustig en onbekommerd op gang en er heerst een knusse en gemoedelijke ons-kent-ons sfeer op het festivalterrein.

The Black Cult

The Black Cult

The Black Cult

Het Nederlandse The Black Cult opent het kleine Desperados-podium en brengt een aangename mix van garagerock en punk ten gehore. Het jonge trio oogt enthousiast en laat een geluid horen dat ergens tussen Ty Segall en The Ramones in zit. Dertien in een dozijn zijn de liedjes vooralsnog wel, waardoor het nog best een lastige opgave is voor het publiek om de aandacht gedurende het volledige concert vast te houden.

Saint Motel

Saint Motel

Saint Motel

Saint Motel

Ook het uit Californië afkomstige Saint Motel slaagt daar niet in. Het kwintet laat vrolijke en luchtige popmuziek horen die ergens het midden houdt tussen Two Door Cinema Club, Phoenix en Alt-J. Met de toevoeging van een prima saxofonist is dit optreden op een onbezorgde manier feestelijk. Het publiek is aanvankelijk nieuwsgierig naar de groep, maar kiest na een paar liedjes al snel voor een biertje in de zon. Gelijk hebben ze; de vocale capaciteit van de zanger is beperkt en de liedjes zijn wel heel veilig en braaf.

Gallow Street

Gallow Street

Gallow Street

Dan brengt de Amsterdamse brassband Gallowstreet het er even later een stuk beter vanaf. Met hun dynamische mix van instrumentale jazz, hip-hop en funk is een vergelijking met het eveneens Nederlandse Jungle By Night snel gemaakt. Toch kan de groep net zo goed door als Nederlandse variant van The Budos Band. Een schouwspel is Gallowstreet in ieder geval zeker: welgeteld twaalf man staan op het podium, waaronder tien (!) blazers. Dat knalt er in. Van meet af aan vullen grootse, dynamische melodieën de zaal die steeds meer bezoekers aan het dansen zetten. Was tijdens het begin alleen de band nog enthousiast, na vele meters blazen is de zaal uitzinnig. Kan ook niet anders met dat bij vlagen behoorlijk overweldigende bandgeluid.

Ex Hex

Ex Hex

Ex Hex

Dan is het tijd voor één van de buzzbandjes van Where The Wild Things Are 2015. De all-female punkband Ex Hex gooide in binnen en buitenland hoge ogen met debuutplaat Rips, een album waarop hyper-aanstekelijke poppunk te vinden is zoals die in de jaren zeventig wel meer gemaakt werd. Ook live slaan die lekker nonchalante hitjes goed aan. Liedjes als het Haim-achtige ‘Waste Your Time’ en ‘Hot and Cold’ zitten goed in de vingers en hebben dikwijls gouden, verslavende hooks. Het is daarom jammer dat de groep met geluidsproblemen te kampen heeft. Gaandeweg wordt het beter, hoewel er wel wat te wensen over blijft. Dit is echter pas het tweede optreden op Nederlandse bodem en het is daarom knap dat deze stoere band desondanks overeind blijft.

Curtis Harding

Curtis Harding

Het is retro-soul ster Curtis Harding die vervolgens rond klokslag acht uur de tweede festivaldag écht van de grond weet te krijgen. Harding was jaren lang achtergrondzanger in de band van CeeLo Green, maar sinds het lanceren van een solocarrière en het verschijnen van zijn debuut is hij zelf een ster-in-wording. ‘Keep On Shining’ werd vorig jaar een bescheiden en onverwachte radiohit op 3FM. De labelgenoot van Benajmin Booker staat op het punt van doorbreken en verkocht vorige week  Paradiso nog uit. Aan het begin van de set laat hij nog zijn spierballen zien met bluesy rock, in de tweede helft komt Harding in vorm en wordt de show serieus de moeite waard. Wanneer hij een stapje terug doet en tijdloze soul laat horen stijgt hij ver boven de middelmaat uit. De toevoeging van blazers aan zijn hernieuwde liveband is zinvol en geeft de muziek net wat meer Soul Power. Opvallend: zijn Curtis Mayfield- en Otis Redding-achtige liedjes hadden dertig jaar geleden geschreven kunnen zijn maar bevatten tevens genoeg eigentijdse elementen om ook een nieuwe schare fans te bekoren. Anders dan bijvoorbeeld een Charles Bradley of Lee Fields biedt hij weinig spektakel op het podium. Tijdens deze lange en volwaardige set is dat ook niet nodig. Met gewaagde maar sterke vertolkingen van klassiekers als ‘Ain’t No Sunshine’ en ‘California Dreaming’ zorgt hij voor een extra scherp randje en daarmee worden genoeg zieltjes gewonnen. Maar stiekem heeft hij deze klassiekers niet nodig.

Death from above 1979

Death from above 1979

Death from above 1979

Death From Above 1979

Where The Wild Thins Are? Wel, in de Willem Ruis Tent dit weekend waar Death From Above 1979 een optreden geeft. Best bijzonder, want in 2006 ging de band na een succesvolle debuutplaat onverwacht uit elkaar. Vorig jaar verscheen na tien jaar onverwacht The Physical World, en was de groep met overtuigende shows weer terug bij af. Ook Where The Wild Things Are moet aan de intense, opjuttende en hyperactieve mix van dance, stoner, punk, metal, pop en noise van Jesse F. Keeler en Sebastien Grainger geloven. Terwijl de volumemeters in het rood lopen hakt het Canadese duo er lekker op los met nieuwe nummers als het niet te stoppen ‘Right on, Frankenstein!’ en het onweerstaanbare ‘Cheap Talk’. Toch blijkt het publiek weinig met de aanstekelijke herrie te kunnen. Nu is dit ook een wat curieuze boeking voor het hoofdpodium. Bekend bij het grote of jonge publiek is de groep niet meer en in vergelijking met veel andere, bravere acts in de tent valt deze groep zeker uit de toon. Toch gun je Death From Above meer op basis van dit prima optreden.

Meatbodies

Meatbodies

Meer goede herrie vervolgens met Meatbodies, het geesteskind van de Amerikaanse Chad Ubovich dat zichzelf bewezen heeft in de bands van Mikal Cronin, Ty Segall en Fuzz. Eigenlijk zegt zo’n cv genoeg en inderdaad: Ubovich beheerst de kneepjes van het vak als geen ander. Zijn vijfkoppige band maakte met Meatbodies al één van betere garageplanten van de afgelopen tijd en live doen ze daar doodleuk nog een schepje bovenop. Als een bulldozer walst deze groep met een monsterlijk volume door hun set heen. Geheel in de traditie van Segall en Thee Oh Sees, maar wanneer er zo vlot en strak gespeeld wordt hoeft het wiel ook niet opnieuw uitgevonden te worden. Opgefokte psychedelische garagerocker als ‘Mountain’, ‘Tremmors’ en ‘Disorder’ zijn live verpletterend goed. Nog iets meer bekendheid en wat extra sterke liedjes op de setlist en Meatbodies kunnen wel eens legendarische Thee Oh Sees-achtige proporties aannemen.

Fink

Fink

Fink

Headliner Fink mag gerust een laatbloeier genoemd worden. Ondanks dat de artiest al zes albums en een carrière als techno-dj op zijn naam heeft staan, is er nog altijd een stijgende lijn in de populariteit van de eigentijdse singer-songwriter te ontdekken. Zalen als Vera, 013 en TivoliVredenburg verkoopt Fin Greenall moeiteloos op eigen kracht uit en op basis van recente concerten is dat volledig verdiend. Laatste plaat Hard Believer borduurde voort op het typische, bezwerende Fink-geluid waar Greenall inmiddels patent op heeft. Nu is elk album natuurlijk een momentopname, maar dat geldt in het bijzonder voor Fink. Greenall en zijn drie muzikanten voegen live steeds nieuwe elementen toe aan hun liedjes. Je hoort het repertoire op het podium letterlijk groeien. Speelde hij op Lowlands voornamelijk nog een lieve en zalvende ochtendset, vanavond kiest hij voor een broeierig en donker optreden waarin de spanning soms om te snijden is. Zo wordt de opbouw in ‘Small Beginnings’ en ‘Warm Shadows’ vakkundig uitgemeten en lang uitgerekt. Greenall is niet op zijn spraakzaamst en kiest vanavond ook niet voor de makkelijkste weg. De energie die Fink van zijn bezoekers vraagt, wordt niet door iedereen gegeven. Halverwege stroomt de tent langzaam leeg en dat is begrijpelijk. Deze set is enkel geschikt voor de echte liefhebber. Daarnaast duren de overgangen tussen de nummers te lang; eindeloos stemmen zorgt ervoor dat de vaart uit het optreden gehaald wordt. Zonde: Fink levert pure kwaliteit, hoewel het er vanavond op zijn moeilijkst uitkwam.

Tekst: Daan Krahmer
Fotografie: Lotte Schrander