Valgeir Sigurðsson @ Theaters Tilburg, Tilburg

Er zijn weinig festivals die met hun (neven)activiteiten een breder publiek aan weten te spreken als het Tilburgse Incubate. Kenmerkende activiteiten waarmee het multidisciplinaire kunstenfestival meer dan alleen de culturele durfallen wist te raken waren de ruim honderd piano’s die de regio sierden tijdens het festival in 2011 en de minitournees die folkartiesten als Frank Fairfield, I Am Oak en Leif Vollebekk door de jaren heen maakten langs Tilburgse verzorgingstehuizen. Fluisterzacht, de concertserie waarvan het optreden van de IJslandse componist en producer Valgeir Sigurðsson deel uitmaakt, is een andere treffende nevenactiviteit. Op onregelmatige basis kunnen liefhebbers zich op zondagmiddagen tegoed doen aan concerten binnen de genres ambient, (neo)klassiek en minimal in de maagdelijk witte grote zaal van Theaters Tilburg.

Een gemêleerd gezelschap van keurig gekleed theater publiek en uitbrakkende twintigers baant zich tegen vieren een weg door de onophoudelijke stortregen en treft bij binnenkomst zo’n honderdvijftig stoeltjes aan in de kolossale theaterzaal. Als de beschikbare zitplaatsen zijn verdeeld betreedt Valgeir Sigurðsson geflankeerd door beenviolist Liam Byrne het provisorische podium. Ogenschijnlijk wordt de hoofdrol vanmiddag vertolkt door Byrne die onophoudelijk op een 7-snarige beenviool speelt terwijl Sigurðsson stoïcijns vanachter zijn laptop drones en andere verontrustende geluiden de zaal in werpt en tegelijkertijd het geluid van Liam Byrne door de effectenbak loodst.

Wie vanmiddag een rustig, ontspannen matinee had verwacht komt al snel bedrogen uit. Schele klanken komen voort uit het strijkinstrument van Byrne en Sigurðsson verrast menigeen op willekeurige momenten met diepe klanken die door de akoestiek van de zaal indrukwekkend luid aanvoelen en –horen. Er lijkt in het moeilijk verteerbare eerste deel, waarin onder meer het even meeslepende als claustrofobische ‘The Crumbling’ de revue passeert, weinig sprake te zijn van chemie te zijn tussen het gelegenheidsduo. De twee lijken beurtelings elkaar te willen afbluffen zonder daarbij als eenheid te opereren.

Des te mooier is het wanneer de bezoeker langzaamaan merkt dat de werken toegankelijker worden en de muzikanten meer en meer een eenheid beginnen te vormen. Zo krijgt Byrne de gelegenheid om zich positief te onderscheiden tijdens het welhaast dansbare ‘Big Reveal’ waarin laatstgenoemde flink over zijn snaren mag raggen terwijl dirigent Sigurðsson een bijpassende beat produceert. Een ander imponerend moment is wanneer de muzikanten het zalvende ‘Between Monuments’ openbreken en een ware geluidsmuur op de verbaasde menigte afvuren.

In een uitdagende set van een dik uur weten de beide heren de toegestroomde massa te intrigeren, te shockeren en te imponeren. De musici presenteren zich in een set waar echt een verhaal in lijkt te zitten en dat oogst lof en een staande ovatie. Het is alleen jammer dat Valgeir Sigurðsson de beschikbaar gestelde piano vanmiddag op een verwaarloosbare uitzondering na ongeroerd laat, een aantal pianowerken had de set net wat meer diversiteit gegeven.