PEER

Nadat de Zeeuwse band PEER in 2017 hun debuut-ep Mad For It! lanceert, volgt een bomvol festivalseizoen en draaft het jonge viertal op in verschillende radio- en tv-programma’s. Ook wordt hun nummer ‘I Don’t Wanna’ gebruikt in een Mercedes-AMG-reclame met Lewis Hamilton en speelt de jonge band voor een uitzinnig publiek op het Mood Indigo Festival in India. In 2018 volgde Brian van Es (19) de vertrokken Bas Boudens op als basgitarist, waarmee hij de band completeerde die verder bestaat uit zanger Guy (Gijs Teuwsen, 20), gitarist Jesper de Jonge (19) en drummer Renzo Rijn (20). Met Laughing About It Is Far More Exciting brengt PEER vandaag hun eerste album uit en daarover gingen we in gesprek met de joviale bandleden Guy en Jesper.

Hoe is jullie debuutplaat tot stand gekomen?
Guy: “We hebben het album eigenlijk in drie etappes, verdeeld over 2018, opgenomen. Twee korte sessies in de Blue Hotel Studio’s in Haarlem met producer Huub Reijnders en Peter Slager (bassist van BLØF en producer), waarin we twee keer twee nummers hebben opgenomen. In september hebben we met Huub en Peter een week in MotorMusic in Mechelen gezeten voor de overige acht tracks. Leuk detail is dat een aantal songs al klaar waren toen Brian in de band kwam, terwijl we een week na zijn entree de studio ingingen. Gelukkig heeft Brian deze nummers heel snel ingestudeerd en staat ook zijn spel strak op de plaat.”

Jesper: “We zijn in de zomer naar een aantal plekken geweest om inspiratie op te doen, onder andere op een rustige camping met open water. We zijn ten slotte Zeeuwen hè. (lacht) Het klinkt misschien heel cliché, maar het werkt wel om tijdens het schrijfproces in een andere omgeving te zijn dan normaal. Zo zagen we in de studio in Mechelen een babypiano staan, waar Guy spontaan een riedeltje op pingelde en dat is uiteindelijk in het tweede couplet van ‘Intoxicated’ gekomen.”

Wie heeft de nummers geschreven, zowel muzikaal als tekstueel gezien?
Guy: “We schrijven alle vier. Ook altijd echt mét elkaar. Soms komt iemand bijvoorbeeld met een riff of een couplet-refrein-idee, maar we werken het altijd met zijn allen uit. En zo gaat het ook met de tekst.”

Jesper: “Ik zou het ook raar vinden om een liedje te spelen als niet iedereen daar iets aan heeft bijgedragen, dan speel je het zonder gevoel.”

Guy: “Huub Reijnders heeft ook heel erg geholpen bij het creëren van de ‘PEER-sound’. Doordat hij nadenkt over waar je nog een tamboerijntje of iets anders geinigs kunt toevoegen, zijn we daar zelf ook meer over na gaan denken. Daardoor hebben we het ons meer eigen gemaakt om dit soort details op te nemen in onze muziek.”

Hoe zou je het geluid van PEER dan omschrijven?
Guy: “Er wordt veel gezegd dat wij indierock met britpop-invloeden maken en dat vinden we een prima omschrijving. Cátchy indierock met britpop-invloeden is misschien nog wel een betere beschrijving: we vinden het heel vet om een refrein te hebben dat iedereen mee kan zingen.”

Jesper: “Dat je chagrijnig wordt als het een week later nog in je hoofd zit: dat is het doel eigenlijk.”

Waarom hebben jullie gekozen voor de albumtitel Laughing About It Is Far More Exciting?
Guy: “Dat is een zin uit ‘Intoxicated’. Dat nummer gaat over een avondje zuipen met je vrienden, waarbij een van hen stomdronken raakt. Eigenlijk zou je op een gegeven moment tegen je vriend moeten zeggen dat-ie moet stoppen met drinken, maar eerlijk gezegd is het veel leuker om te lachen om de gekke dingen die hij dan uithaalt. Misschien schilderen we onszelf daarmee niet als de beste personen af. (lacht) Maar ik denk dat heel veel mensen dit wel herkennen. Nu is het niet zo dat het hele album over avondjes zuipen gaat; de meeste nummers gaan over liefde, relaties en break-ups, aangezien we jonge gasten zijn en dat allemaal meemaken. Met de zin ‘Laughing About It Is Far More Exciting’ kun je veel van dit soort zaken op een prettige manier relativeren.”

Het album eindigt met ‘Siren’, qua stijl het meest afwijkende nummer van de plaat. Wat is het verhaal erachter?
Guy: “Siren is inderdaad een veel minder energiek liedje dan de andere nummers op de plaat. Het gaat eigenlijk over Jan Cremer die in een uitzending van De Wereld Draait Door vertelt over zijn boek Sirenen. Dat vonden we een erg ontroerend gesprek en dat heeft ons geïnspireerd tot het maken van dit nummer. In de songtekst zit iets meer een boodschap verstopt dan in de andere, meer energiekere nummers en we vonden het zelf een dermate sterke song dat we ‘m graag op de plaat wilden hebben. Peter zou ons ook echt vermoord hebben als we dat niet hadden gedaan.”

Op de plaat staat een nummer van 8 seconden: ‘Pills’. Waarom?
Guy: “We nemen altijd eerst de drums op, maar Renzo moet wel iets hebben om bij mee te spelen, dus vaak zing en speel ik mee op gitaar. Op een dag wilden we even checken of het allemaal wekte en daarom namen we snel ‘Pills’ op. Uiteindelijk vonden we dat-ie eigenlijk als een perfecte verbinding kan dienen tussen de a-kant en de b-kant van de plaat, als je ‘m op vinyl zou hebben.”

Jesper: “Zo zijn ’Pills’ en ‘Siren’ twee uitersten: waar ‘Pills’ het toppunt is qua humor en energie, is ‘Siren’ een uiterst rustig en ‘klein’ nummer. Dat contrast vinden we heel mooi. We wilden met dit album graag onze reikwijdte tonen in plaats van het meer rechttoe-rechtaan-geluid van Mad For It!.” 

Vanaf 9 februari toeren jullie door Nederland (plus een optreden in België). Wat zijn jullie verwachtingen en wanneer is de tour geslaagd?
Guy: “Uitverkopen! (lacht)”

Jesper: “Ik denk dat het geslaagd is als we het in het algemeen gedaan hebben. We hebben geen verwachtingen in de vorm van kaartverkoop of iets dergelijks. Al heeft één iemand het naar zijn zin in de zaal waar we spelen, dan zijn we al blij. We zijn  heel trots op het feit dat we nu een eerste albumtoer hebben en ons in de scene hebben gespeeld.”

En daarna?
Jesper: “Wij gaan altijd door. Ik zeg niet dat het tweede album al klaarligt, maar we zijn alweer druk bezig. Langzaamaan willen we beter en bekender worden. Dat hoeft allemaal niet snel te gaan, zolang de stijgende lijn er maar is.”

Guy: “De enige manier om zeker te weten dat je het niet gaat maken is opgeven. Dus dat gaan we niet doen. Wij raken niet in de war als we bijvoorbeeld even geen boekingen krijgen. Er zijn maar weinig bands die in één keer doorbreken. Voor ons is de Canadese band Anvil daarin een klassiek voorbeeld: die hebben 35 jaar bestaan voordat ze bekend werden. Nu hopen we niet dat het bij ons ook 35 jaar duurt voor we definitief doorbreken, maar hebben wel geduld. En ja, zelfs 35 jaar, als dat uiteindelijk leidt tot onze ultieme droom: een uitverkocht Wembley! (lacht)”