Catfish & The Bottlemen @ Melkweg, Amsterdam

Van McCann – ten eerste: wat een geweldige naam – houdt wel van het tourleven. On the road is hij als een vis in het water. Allemaal dankzij zijn ouders, met wie hij veelvuldig door Australië reisde. Dat verklaart ook waarom deze man zo’n podiumbeest is vanavond. McCann staat met zijn Catfish & The Bottlemen op de planken van een uitverkochte The Max in de Melkweg.

Deze show was het eerste overzeese optreden dat uitverkocht raakte, en dat gebeurde al weken van tevoren. Bij binnenkomst blijkt gelijk waarom: de zaal is voor minstens de helft gevuld met Britten. En Britten, zo weet de gemiddeld concertganger inmiddels wel, weten wel hoe je een feestje viert bij dit soort optredens. Al vanaf het moment dat de laatste tonen van Dean Martins klassieker ‘Ain’t That A Kick In The Head’ hebben geklonken en de verlichting uitspringt, gaan ze behoorlijk los.

De eerste pit volgt dan ook al bij opener ‘Longshot’ – en eigenlijk verdwijnt die de rest van de show ook niet meer. Sterker nog: het worden er alleen maar meer. Mensen met vlaggen op schouders van andere mensen met bezwete hoofden, hier en daar een verdwaalde crowdsurfer en circle pits die haast uit zichzelf lijken te ontstaan. Kort gezegd: de sfeer zit er goed in.

Dat kan niet worden gezegd van het geluid, waar het deze avond echt erbarmelijk mee gesteld is. Zelfs wanneer je recht tegenover het podium staat, op het balkon, dan nog is het soms de vraag of McCann wel (live) zingt. Of dat je het publiek hoort zingen of dat er ondertussen een bandje meeloopt. Dat heeft onder meer te maken met het feit dat de rest van de instrumentatie veel te hard staat afgestemd. En McCann is nu ook niet bepaald ’s werelds meest begenadigde zanger.

Dan drukken we ons overigens nog vrij voorzichtig uit, want bij vlagen rent de frontman zichzelf echt compleet voorbij. Dat is op zich niet erg – gezien de energie die hij er tegenover stelt, maar een iets evenredigere en doordachte verdeling zou geen kwaad kunnen. Anderzijds zorgt die inzet en energie er wel voor dat de zaal voortdurend ontploft. Uiteindelijk komt de boel tot een kokend hoogtepunt bij ‘Cocoon’, het bekendste nummer van de vier Welshmen. De zaal verandert voor een derde in een moshpit en de boel wordt woord voor woord meegezongen. Nog een paar van dit soort hits en we zien deze band over een tijdje ergens in de Bijlmer, gokken we zo. Aan de inzet zal het in elk geval niet liggen.