Aldous Harding @ Paradiso, Amsterdam

In de muziekwereld zijn er ieder jaar weer lijstjes. Lijstjes met beste albums, lijstjes met beste singles, lijstjes met beste festivals, lijstjes met beste concerten, ga zo maar door. Natuurlijk: allemaal zo arbitrair als maar zijn kan, maar het maken van lijstjes is – ondanks het kill your darlings-principe – toch iets waar vaak reikhalzend wordt uitgekeken. Na vanavond wordt duidelijk dat Aldous Harding, nadat ze sowieso al in de eerste twee lijstjes was beland dankzij Designer en ‘The Barrel’, ook in het laatste lijstje een plek verdient.

Wie aan het begin van dit jaar had gezegd dat de Nieuw-Zeelandse zangeres eind november in een stampvolle Paradiso zou staan, die hadden we voor gek verklaard. Harding deed het tenslotte al jaren best aardig, maar van een échte doorbraak was nog steeds geen sprake. Totdat daar opeens een salvo aan rake singles was, waaronder dus het prachtige ‘The Barrel’, dat (samen met onder meer Sharon Van Etten’s ‘Seventeen’) meedingt voor het mooiste liedje van het jaar. Harding wist de harten van meer en meer muziekliefhebbers te veroveren en zo staan er plots zo’n duizend man voor haar neus op een doordeweekse avond in Amsterdam.

Dat moet voor haar ongetwijfeld toch ook een gekke gewaarwording zijn. Of dat ook echt zo is? Van haar gezicht valt in elk geval niets af te lezen; dat staat tenslotte vijf kwartier lang in een soort stand van permanente verrukking. Het heeft, op z’n zachtst gezegd, wat merkwaardigs, hoe ze zich op het podium gedraagt. Spreken doet ze niet of nauwelijks, ze kijkt regelmatig met grote ogen richting de volle balkons en zingt met haar hele lijf, haar handen af en toe bewegend als een onbekwame dirigent.

Echter, die merkwaardige podiumpresentatie doet helemaal niets af aan de prachtset die zij aan haar band spelen. Sterker nog: het lijkt af en toe wel alsof het een het ander versterkt. Het zijn natuurlijk geen doorsnee liedjes – niet voor niets komen er titels als ‘What If Birds Aren’t Singing They’re Screaming’ voorbij – dus het vreemde gevoel dat je af en toe een beetje bekruipt wanneer Harding zingt, wordt dan ook wel ondersteund.

De nadruk van de avond ligt vanzelfsprekend op Designer, maar gelukkig is de kiwi haar minstens zo prachtige eerdere werk niet vergeten. Het hoogtepunt zit ‘m dan ook (verrassend genoeg) niet in de nieuwe liedjes, maar in eentje van de vorige plaat. Op ‘Imagining My Man’ stralen alle facetten die van Aldous Harding zo’n enorm getalenteerde muzikante maken: haar schitterende stem (die uithalen!), het verfijnde, minimale gitaarspel en de wonderschone opbouw (trompet!) van het liedje. Het is een combinatie die eigenlijk voor iedere nummer van deze avond wel op gaat. Een combinatie die van een doodnormale avond, een prachtavond maakt.